dinsdag 12 februari 2019

Regelmaat en familie

In de tijd dat ik geboren werd (jaren ´60) was Reinheid, Rust en REGELMAAT zo´n beetje het belangrijkste devies voor kersverse moeders. Het oude ´opvoedboek´ van Benjamin Spock van mijn moeder heb ik juist vorig jaar uit m´n kast weggedaan. Dat boek stond bol van adviezen, die op deze leest geschoeid waren.

Mijn moeder had die regelmaat helemaal in haar huishouden en ook in haar leven verweven. Alles was zo voorspelbaar. Op maandag aten we andijvie, werd de bovenverdieping gedaan, werden de bedden verschoond en de was gedaan. Elke maandagavond zette mijn moeder zich aan de boekhouding van de zaak. En jarenlang was het ook vaste prik, dat ze op maandagavond een patroon tekende en dan op dinsdag naaide. Op dinsdag had ik dus kans op een nieuwe jurk of rok of wat dan ook. Die kans moest ik overigens delen met mijn twee zussen :-)).

De hele week stond vast. Van de maaltijden tot het moment van boodschappen doen. Van het schrijven van kaarten tot de werkochtenden met de werkster.

Of het nu komt, doordat we nu in een andere tijd leven, of doordat ik gewoon meer het adhd-erige van mijn vader in mij heb, dat weet ik niet. Ik heb die regelmaat er in elk geval nooit zo in gekregen. Ik ben toch meer van ad hoc. Toch hebben ook spring-in-het-velds altijd wel enige regelmaat in hun leven. Ik ook. En stiekem vind ik dat ook wel fijn.

Vandaag was de dinsdag-regelmaat ver te zoeken. Op dinsdag zijn er altijd twee dingen, die vast staan: schoonmama komt koffie drinken en ik bak voor twee vrouwen Moermanbrood.

Maar vandaag appte schoonmama, dat ze een keer oversloeg, omdat ze nog verjaarsvisite had. En eigenlijk kwam dat zomaar best wel goed uit. Want ik was de hele ochtend op stap geweest voor de webshop. Eerst reed ik naar de molen. Dat doe ik normaal altijd op woensdag of op donderdag. Maar ik schreef het al: de regelmaat was er op deze dag helemaal uit. En zo kwam het, dat ik op dinsdagmorgen vroeg naar Terbregge reed.


Omdat ik toch onderweg was, deed ik meteen maar de verpakkingsgroothandel in Barendrecht aan. En omdat de Makro daarnáást is en ik daar ook nog iets vandaan nodig had, reed ik van de ene parkeerplaats naar de andere en schoof de Makro in. Het was al bijna 11 uur, toen ik thuis kwam! Weg ochtend!

Juist vandaag had ik het ook flink druk met bestellingen in de shop. En daarom was het niet erg, dat schoonmama niet kwam.

Door het drukke inpakwerk, kwam vervolgens de broodbakkerij enigszins in het gedrang. Het was later dan mijn bedoeling was, voordat ik de degen ging maken. En hoewel er veel dingen juist onder druk prima gaan, is dat met brood bakken níet het geval. Daar moet je heus tijd voor nemen. Dat ging mooi mis. Maar goed.



Wat ook al anders was dan anders: we gingen vroeg eten. En dat had dan weer van alles te maken met het tweede onderwerp van dit logje: familie.

Willem en ik komen allebei uit een grote familie. Ik zou niet eens wéten, hoeveel nichten en neven ik heb. En ook in allerlei leeftijden. Mijn oudste neef is al een eindje in de zeventig. Mijn jongste een jaar of dertig. Nu Willem en ik vijftigplussers zijn, komen we met onze familie in een andere fase. Bijna drie jaar geleden ontvielen mij mijn ouders. En de laatste jaren ontviel ons elk jaar wel een oom of tante. En nu ontvallen ons neven en nichten. Zo gingen wij vanavond condoleren bij het gezin van een neef, die op 69-jarige leeftijd is overleden. En dan gaan op de terugweg in de auto toch de gedachten vanzelf terug naar vroegere jaren en halen we herinneringen op.

Al met al was het dus een vreemde dinsdag. Het kleine beetje regelmaat in mijn leven was in elk geval ver te zoeken ;-).

maandag 11 februari 2019

Stank en lekkers

Zaterdag stond ons dorp aardig op stelten. Om kwart voor 8 hoorde ik niet anders dan brandweer-sirenes. Ik keek online, of ik informatie kon vinden. Nou, nou, het bleek goed raak:


En:


Er ontsnapte een (eerst onbekend) gas uit een tankwagen op het industrieterrein. Er kwam al snel een alert, dat ramen en deuren beter gesloten gehouden konden worden. Gelukkig was er al snel bekend, dat het gas weliswaar vreselijk stonk (waardoor je braakneigingen kon krijgen), maar dat het niet giftig was. Er stond een erg harde wind en die zorgde ervoor, dat een groot deel van Nederland last had van de stank. Gelukkig zaten wij aan ´de goede kant´ van de wind :-). Wij hebben er in ons huis nauwelijks last van gehad. Maar reed je het dorp uit en kwam je vóór de wind, dan was het echt afschuwelijk.

Afijn. Ons dorp was zo´n beetje de hele dag in het nieuws. Maar gelukkig hoefde ik mijn programma niet te veranderen, noch te onderbreken door deze gebeurtenis.

De zaterdag was anders dan anders. Schoonmama was jarig. Aanvankelijk zouden Willem en ik gewoon zoals elke zaterdag ´s morgens bij haar op de koffie gaan en dan haar oude vriendin meenemen. Maar die liet vrijdagavond weten, dat het niet door kon gaan, omdat ze niet in orde was. Willem vond het daarom leuker om ´s middags naar zijn moeder te gaan, zodat hij dan zijn broers en zussen zou zien. Zodoende hadden we ineens een ´lege´ zaterdagmorgen.

Ik had beloofd een taart te maken. Twee schoonzussen zorgden al voor kwarktaart, monchoutaart en appeltaart. Ik koos ervoor om een dadeltaart te maken. Dat was zó lang geleden. En dadeltaart is zó lekker. En zó gemakkelijk te maken. En zó handig te vervoeren. Kortom: de ideale taart. Deze taart wil je vast ook maken. Ik post daarom het recept :-).

Je hebt nodig:
1 pakje roomboter
150 gram gele basterdsuiker
1 losgeklopt ei
500 gram dadels in stukjes
200 gram biscuitjes in stukjes
150 gram kokosrasp plus 50 gram om te versieren

Werkwijze:
smelt de boter. Doe er de suiker bij en los deze op. Roer er het ei door en klop met een garde alles tot een saus. Doe de dadels erbij en verwarm deze kort. Roer er de biscuitjes en 150 gram kokosrasp door. Doe alles in een met bakpapier beklede taartvorm van 24 cm doorsnee. Strijk de bovenkant glad en bestrooi met de overgebleven kokosrasp. (Eigenlijk had ik een paar dadels moeten bewaren om daar de taart nog wat mee op te leuken. Maar ik had alles gesneden.) Zet de taart voor minstens 2 uur in de koelkast. Snijd kleine puntjes, want deze taart is behalve superlekker, ook behoorlijk ´machtig´.




vrijdag 8 februari 2019

Workshops, wolletjes en ov-gedoe.

Het was hier vandaag weer een lekker afwisselend dagje. Het begon met vroege vogels, die op tijd naar hun werk moesten. Om kwart voor 7 waren achtereenvolgens Hans, Leendert, Koos en Maaike al vertrokken. Dat ging tamelijk geruisloos. De scholieren Maria en Jan gaven méér werk. Eerst vertrok Maria. Maar die stond na een klein half uur weer op de stoep. De bus was niet komen opdagen. Er is hier sinds december een nieuwe busmaatschappij actief en dat is ronduit hopeloos. Het is er enorm op achteruit gegaan. Afijn. Maria ging sowieso niet meer op tijd komen, maar werd, om het te laat komen te beperken, per auto naar school gereden.

De volgende patiënt was Jan. Hij moest een uur later naar school. Ook hij kwam een tijdje na vertrek weer terug: zijn ov-kaart kon niet in de bus opgeladen worden. Bij de oude maatschappij kon je in de bus je bestelling ophalen (saldo opladen). In de nieuwe bussen dus niet :-(. Hij vroeg, of ik hem even naar De Dam wilde rijden. Dan zou hij bij de sigarenboer z´n ov-kaart opladen en met de volgende bus naar school gaan. Ook hij zou te laat komen. Dus stuurde ik even een mailtje naar zijn docent, dat Jan wat later zou zijn. Intussen was ook Henk naar school vertrokken, nadat ik nog Namen + Feiten (Bijbelles) met hem geoefend had, omdat dat er gisterenavond nog niet goed in zat. Eindelijk daalde om kwart over 9 de rust neer. Willem en ik hadden toen nog niet eens ontbeten. En gek genoeg kon ik maar aan één ding denken: een stuk mokkataart. Ha, ha. Maar dat ging hem toch heus niet worden. Ik maakte snel 2 borden Brinta klaar en zette een bakkie troost :-)

Naast het gewone huishoudelijke werk was er vandaag veel werk aan de webshop. Ik kreeg namelijk steeds ongeduldigere mailtjes met de vraag, wanneer ik weer met de broodbakworkshops zou beginnen. Ik had bedacht, dat ik deze week dan toch heus de agenda zou maken. En toen was het ineens vrijdag en was er nog steeds geen agenda...Die moest er nú komen. Maar ik vind dat systeem, waarin de agenda gemaakt wordt, zoooo lastig. Tja, ik ben nu eenmaal tamelijk digibeet. Gelukkig wilde Willem wel helpen. Die was vanmorgen voor het eerst op. En behalve dat hij continu zat te snotteren enzo, begon hij op te knappen. Het was me echt een pak van het hart, dat hij even wilde meekijken.

Enigszins voldaan constateerde ik dat ook Willem mopperde op het knullige systeem. Het lag dus niet helemaal aan mij ;-). Behalve dat we de agenda voor de workshops erin wilden hebben, wensten we ook een koppeling met het betaalsysteem. Na een hoop gevogel kwam het voor elkaar. Hè, hè, eindelijk kon de boel online en had ik er rust van.

Er moesten ook aardig wat bestellingen klaargemaakt worden en vanmiddag heeft Maria vast meel, bloem en zonnebloempitten ingepakt. Dat heb ik allemaal in de schappen gezet.

Dat was dus het shopwerk. Maar ik wilde ook zover mogelijk klaar zijn met het huishoudelijke werk. Vanavond vierde Maaike d´r vriend zijn verjaardag en morgen hoopt schoonmama te verjaren. Dan blijft er niet veel tijd over voor alles wat ik vòòr de zondag af wil hebben.

Het lukte allemaal. De pakjes gingen op tijd met de post mee. Daarna sprong ik achter het fornuis. Er stond een aardappel-vlees-groente-menuutje op de planning. Altijd lekker, maar best bewerkelijk, ook al waren we vanavond ´maar´ met z´n zevenen. Het allerlaatste restje verse groenten werd opgemaakt: twee zakken gesneden rode kool. Tikkie verkleurd. Maar verder niets mis mee.



Morgen is het patat-dag en voor zondag heb ik stoofpeertjes in m´n hoofd. Dan kan ik maandag bij leven en welzijn weer fijn een nieuwe voorraad inslaan bij de groenteboer.

Rode kool dus. En, oh, wat was dat lekker. Ik heb het ouderwets klaargemaakt. Met een scheutje azijn en wat suiker en verder: zout, kruidnagels, nootmuskaat, kaneel, snuf peper en appel. Mjammie! Gekookte aardappels erbij en kipfilet voor de liefhebbers. Zelfgemaakte verse appelmoes natuurlijk. Dat mag bij rode kool niet ontbreken. En voor toe was er rijstepap.



Vanavond dan een verjaardag. En nu eens een keertje zonder dat ik een handwerkje meenam. Meestal doe ik dat wèl. Ook als ik naar het ziekenhuis moet (voor in de wachtkamer), of in de auto. Ik ben gewoon dol op wol :-).

De laatste tijd heb ik veel gesponnen. Ik had twee soorten wol. Eén soort die verrukkelijk spon, de andere was drama: allemaal gepluis, korte haartjes, waardeloos. Maar ik vond het zonde om die pluizige wol weg te doen en besloot de twee soorten te combineren. Zo werd het uiteindelijk nog wel een leuk draadje. Maar na twee klossen heb ik het voor gezien gehouden. Die akelige soort ga ik verder niet spinnen. Die kan nog wel dienst doen als vulmateriaal ofzo. De gesponnen wol heb ik geverfd in mooie kleuren. Nu nog bedenken wat ik er van ga maken.





Het volgende spinprojectje was een zakje prachtige alpaca lontwol. Die had ik vorig jaar op de spingroep gekregen. Er was teveel geld in de pot van de groep en iedereen kreeg een voorraadje prachtige spinwol kado. Geweldig! De groene wol spon fantastisch en de 150 gram joeg ik zo door m´n wiel :-).



Ik draaide er mooie bolletjes van en heb alvast een proeflapje gebreid. Nu nog een patroontje uitkiezen om iets moois ervan te maken. En ook bedenken wat ik nú eens zal gaan spinnen. Ik heb nog mooie witte lontwol. Maar die wil ik vòòr het spinnen verven. En aangezien ik geen idee heb, wanneer ik daar eens even tijd voor kan maken, spin ik misschien eerst nog maar iets uit die verrassingszak van de spingroep. Vervelen hoef ik me in elk geval niet. Wat een geruststelling :-).

MaDiWoDo-soep, of zoiets

Ook vandaag besloot ik nog wat groenten te redden van de groene container. De koelkast is bíjna leeg! Maar ook uit een bijna lege koelkast, kun je meestal nog een prima maaltijd te voorschijn toveren. Je maakt dan gewoon MaDiWoDo-soep (met de restjes van de maaltijden van maandag, dinsdag, woensdag en donderdag dus). Helemaal letterlijk werd het dat overigens niet. Ik gebruikte namelijk geen restjes van vorige maaltijden, maar gewoon nog wat ik aan groenten vond. En dat was:

- een doosje niet zo mooie champignons
- 1 knolselderij met verlept blad
- 1 zielige pastinaak
- een restje gekookte aardappels van gisteren (toch een restje dus ;-))
- de laatste, ietwat schimmelige, zoete aardappel (alleen de schil had schimmelplekjes)
- enkele tenen knoflook van een bol met uitgelopen sprieten
- vier wortels, de laatsten uit een zakje waspeen
- een paar stukken bloemkool, die ik redde van een verder rottig exemplaar
- een restant verlepte peterselie
- 2 uien


Ik trok allereerst een krachtige rundvleesbouillon. Was meteen het één na laatste pakje soepvlees uit mijn vriezer opgebruikt. Dat lag er al zoooo lang. 

Vanmiddag maakte ik mijn groentenbuit schoon en sneed alles in stukjes. Ik zette een groot deel van de groenten in wat zonnebloemolie aan; eerst de uien en de knoflook. Een klein deel van de groenten hield ik apart om als herkenbare groenten in de soep te eindigen. Nadat de groenten waren aangezet, goot ik de bouillon er door een zeef bij. Ik bracht alles aan de kook en liet de soep 20 minuten pruttelen. Daarna pureerde ik het zaakje door er de staafmixer in te zetten. De ietwat saaie soep leukte ik op met de achtergehouden groenten. Nog even een paar flinke draaien aan m´n pepermolen en, voila, een grote pan heerlijke MaDiWoDo-soep. 

de soep vòòr het pureren.
Lekker veel groenten!

De stukjes groenten, die er later bij gingen.
En de verlepte peterselie die in een beker
koud water nog aardig opknapte. 

Lekker soeppie 


We hebben deze soep vanavond gegeten met een restant zelfgemaakte patat van zaterdag. Is dat ook maar weer op. En vooruit: ook het toetje kwam uit de voorraad. Ik heb nog enkele potten peren op siroop. Die staan werkelijk al jaren op de plank. Ik heb voor de grap eens gezocht op mijn blog, om te kijken of ik er soms over geblogd had, destijds. En jawel! De peren stammen uit 2010! Nou, ze smaakten perfect :-). Heerlijk met een klodder slagroom en wat hagelslag. Er staan nog een stuk of 3 potten. Die gaan we maar eens snel soldaat maken.



Ik had nog meer keukenwerk op mijn programma, vandaag. Er stond een groot pak Winter Wonder Cake in mijn kast. Dat kreeg ik kado van één van de deelnemers aan een workshop brood bakken. Met het pak mix (van 1 kilo) kon je genoeg beslag maken voor 3 cakeblikken. Ik had bedacht, dat ik daar ook lekker wat weckglazen mee kon vullen, om cake te wecken. 

Cake op de plank hebben staan, is ook alweer zoiets fijns. Zo heb je altijd iets in huis voor onverwachts bezoek, of voor een keer dat je geen tijd hebt om iets te bakken. Koek uit de winkel houd ik liever buitenshuis. Niet alleen omdat ik het erg duur vind, maar ook omdat het enorm veel verpakkingsmateriaal scheelt, als je zelf bakt. 

Cake weck je in zogenaamde stortglazen. Dat zijn konisch gevormde glazen, waar de cake gemakkelijk uit kan glijden. Hiervoor is het ook nodig, dat je de glazen goed invet en bestrooit met paneermeel. Dat paneermeel moest ik nog even maken. Ik gebruikte er het brood voor, wat ik in de kacheloven had gedroogd. Het brood ging in een plastic zak en werd daarna bewerkt met een deegroller. Zo krijg je prachtig paneermeel van oud brood, wat ook alweer niet in de vuilnisbak hoeft te belanden.

Cake wecken kun je op verschillende manieren doen. Ik doe het zo: 

Vul de beboterde en gepaneerde (brandschone) weckglazen voor de helft met cakebeslag. Sluit de glazen met de deksels met ringen en twee klemmetjes. Zet de glazen in de weckketel en verzwaar ze (anders gaan ze drijven). Ik verzwaar de glazen door er met water gevulde potten bovenop te zetten. Vul de ketel met water tot je cakepotten bijna onder water staan. Breng alles aan de kook en laat het 2 uur koken. Klaar!

Cake op deze manier ´gebakken´ vinden wij erg lekker, want het is minder droog dan (mijn) oven-gebakken cake. 

Het cake-klusje deden Maria en ik samen. Terwijl ik de potten prepareerde, maakte Maria het beslag klaar. Zo hadden wij met maar heel weinig moeite 9 cakejes gebakken: 7 in glazen van 1/2 liter en 2 in glazen van 3/4 liter.


Zelfgemaakt paneermeel

geprepareerde glazen


tot halverwege met beslag gevuld

Uit de ketel. Nu afkoelen, dan kunnen de
klemmetjes eraf.

Op deze lente-achtige, zonnige, dag hebben we ook nog wat buiten gedaan. Lekker de boel wat opgeruimd en aangeveegd en genoten van de bloemen hier en daar.

de winterroos staat in volle bloei.
Jammer dat ze hun kopjes altijd zo laten hangen

De rozemarijn bloeit met tere paarse bloemetjes

De winterviolen maken zich op voor een
rijke voorjaarsbloei

En hoe heerlijk is het dan om ´s avonds nog wat met wol bezig te zijn? Maar daarover schrijf ik later nog weleens. Het verhaal is wel weer lang genoeg :-).



donderdag 7 februari 2019

Doen met wat er is.

Zuinigaan schreef gisteren al over voedselverspilling. En Gerlinde uit Noorwegen schreef een logje over snel en eenvoudig een duurzaam leven en komt tot de conclusie dat je dan vooral moet doen met dat wat voorhanden is. ¨Doen met wat er is¨, is ook de lijfspreuk van Annemiek. En ja, ik ben het daar helemaal mee eens. Vandaar dat ik bijvoorbeeld de vorige keer schreef over het maken van een strijkplankhoes van een oud dekbedovertrek.

Nog een paar voorbeelden? Hier komen ze.

Mijn vleesvoorraad was bijna op. Daarom plaatste ik een bestelling bij mijn broer. Maar het duurt altijd even voordat het dan in mijn vriezer ligt. Dus keek ik in het koelvak bij de supermarkt, of er afgeprijsd vlees lag. Ik had geluk. De stickers waren net geplakt en ik kon kiezen. Ik nam een voorraadje mee. Als dit vlees niet gekocht wordt, wordt het aan het eind van de dag weggegooid. En heus, met dat vlees wat (bijna) aan de datum is, is niets mis. Gewoon thuis meteen verwerken of in de vriezer doen.


Er zaten twee pakjes kipgehakt bij. Daar wilde ik balletjes van braden als borrelhapje. En juist kwam er een berichtje langs in de fb-groep ´Wecken is hip´ van iemand die gebraden kipgehaktballetjes geweckt had in bouillon. Dan blijven ze lekker mals. Goed plan! Mijn voorraadje kipgehakt werd dus geweckt. Makkelijk voor als we een keer een verjaardag hebben ofzo.





Er was ook oud brood. Daar is van alles mee te doen. Zo eten we heel regelmatig tosti´s, ´soppen´ oud brood in soep, maken wentelteefjes, of iets anders. Gisteren sneed ik een deel van het oude brood in plakjes en legde die in de oven van de houtkachel te drogen. Vandaag maak ik er paneermeel van, want dat is op. Ik heb het nodig om weckpotten te prepareren voor de cake die ik wil gaan wecken.





De rest van het brood sneed Maria in dobbelsteentjes en daar maakte ze broodpudding mee. De pudding werd gekookt in de poffertpan. Die paste precies nog naast de kipgehaktballetjes in een grote pan. Alles aan de kook brengen en tegen de kook houden totdat de balletjes geweckt en de pudding gaar was. De pudding aten we met wat custard eroverheen als toetje bij het avondeten. De custard maakte ik van het laatste restje melk, wat nog net goed was, maar snel op moest.



Voor het avondeten besloot ik oude groente op te maken in een plaat geroosterde groente. Er was een flespompoen met een zachte plek, er lagen nog 2 flinke zoete aardappels met wat schimmelplekjes aan de schil, er dook een uitlopende bol knoflook op, in de koelkastlade lagen nog twee winterwortels en een doosje rozemarijn, en in de garage stonden nog wat doosjes champignons die ooit mooi geweest waren. Uien zijn er altijd, dus die gingen er ook nog bij. Wat zeezout en olijfolie erover en roosteren maar.




Het was niet genoeg voor de 8 personen, die gisteren aan tafel verschenen. Daarom was er een grote pot witte bonen en tomatensaus bij. Lekker met gekookte aardappels en voor de vleeseters een hamlapje. Met de broodpudding toe werden alle buikjes weer rond gegeten en kon ik doen met wat er is. Er hoefde niets in de vuilnisbak.

Zaterdag had ik erwtensoep gekookt. Dat maak ik altijd in mijn 10-literpan, die bijna vol komt. Erwtensoep maak ik ouderwets. Met vlees dus. Ik vind vegetarische soep heel erg prima, maar in erwtensoep hoort wat mij betreft vlees en worst. Het is één van de weinige gerechten die ik met vlees eet. Wat er in gaat in zo´n grote pan? Een bovenpoot, een kilo spliterwten, 4 liter groentenbouillon, 4 preien, 4 winterpeen, 4 uien, 4 aardappels, een knolselderij, een rookworst, een bosje selderij, wat worcestershiresauce, peper uit de molen. Alles bij elkaar dus een pan vol. Zondag hebben we er lekker van gesmuld. Maar er was nog zat over. Er gingen een paar eenpersoonsporties de vriezer in om weg te geven. Toen bleef er nog 4 liter over. Die belandden in de weck. Fijn om op voorraad te hebben staan voor plotselinge snert-trek :-).




Intussen hebben we een zieke in huis. Willem was dinsdagavond al verre van fit thuis gekomen van de ISE beurs in Amsterdam. Hij besloot snel naar bed te gaan, want had nog drie beurs-dagen voor de boeg. Helaas kreeg hij ´s nachts koorts. Dat is lang geleden! Echt raar om een man met koorts naast je in bed te hebben. Het was in elk geval behoorlijk onrustig. Tegen de ochtend werden de collega´s ingelicht, dat Willem niet van de partij zou zijn. Ik sprong in de zuster-rol en raspte een appeltje met kaneel voor hem en bracht een kopje thee.


Willem heeft het aardig te pakken. Ik zie hem deze week niet meer naar de beurs gaan. Hopelijk krijg ik het zelf niet.

Gisterenavond mocht ik weer opdraven voor de schoolschoonmaak. Dat is het jaarlijks terugkerend feestje in februari ;-). Het was voor mij de laatste keer van een lange, lange reeks van jaren. Gedurende 26 jaar lang hebben er kinderen van ons op de basisschool gezeten. Nu zit de jongste in groep 8. Dat schoolschoonmaken zal ik overigens niet gaan missen. Hoewel het best gezellig is en het heel fijn is als alles blinkend schoon wordt, vind ik het nooit leuk om er in de avond voor van huis te gaan. Ik moet eerlijk toegeven, dat mijn rug zo ongeveer doormidden lag, toen ik thuis kwam. Ik had in een kleuterklas gewerkt en dat was bepaald geen werk, wat de arbo-norm kon doorstaan: Allemaal bukken! Eerst radiators gestoft en gesopt, toen kasten, inclusief de lage aanrechtkastjes van het kleuteraanrechtje bij de zandtafel, vervolgens nog stoeltjes, die ik weliswaar op een tafeltje plaatste bij het soppen, maar toch. Tenslotte nog wat kleutertafeltjes. Au, mijn rug dus! Toen ik thuis kwam, vroegen de kinderen, hoe het geweest was. ¨Nou,¨ grapte ik, ¨ik kreeg een lintje vanwege 25 jaar trouwe schoonmaakdienst.¨ Ha, ha, er was er één bij, die echt moest nadenken, of dat nu serieus was, of een grap :-)))

maandag 4 februari 2019

Kleine moeite

Ik ben vast een beetje maf. Maar dat boeit me niet. Waarom ik een beetje maf ben? Omdat ik tot het schaarse volksdeel behoor, dat strijken leuk vindt :-). Heerlijk vind ik het! Gewoon zomaar al die kreukelige vodjes omtoveren tot keurige stapeltjes wasgoed. Zelfs al heb je bijvoorbeeld een enigszins sleets t-shirt onder handen, na het strijken lijkt zo´n ding nog heel wat!

Strijken is mijn ochtendklus. Ik sta altijd om 5 uur op. Nadat ik een stukje heb gelezen en wat heb gemediteerd, klap ik mijn stijkplank uit en ga aan de slag. Al strijkend mijmer ik. Soms beluister ik al strijkend iets. Dat kan heel verschillend zijn. Van een preek tot het nieuws. Strijken en luisteren gaat prima samen. Terwijl mijn handen automatisch het werk doen, kan ik heel goed iets tot me nemen.

Toen ik vanmorgen klaar was met strijken, constateerde ik, dat mijn strijkplankhoes toch wel heel erg versleten was.



Tijd voor een nieuw exemplaar dus.

Je kunt dan natuurlijk naar Blokker rennen en zo´n ding kopen. Maar goede strijkplankovertrekken zijn best duur. Bovendien is het een heel kleine moeite om er één te maken. Van een oud dekbedovertrek of zo. Dan kost het je niets en het scheelt weer grondstoffen.

Vanmiddag maakte ik in een uur tijd een nieuwe hoes. Heel simpel: de oude haalde ik van de plank en legde ik als mal op een oud dekbedovertrek. Voor de stevigheid gebruikte ik een dubbele laag stof: voor- en achterkant van het overtrek dus. Ik knipte langs de oude hoes en hield een centimeter extra aan. Het naaimachien kwam op tafel en ik zigzagde de nieuwe hoes rondom. Daarna stikte ik een tunnel van een centimeter en hield 3 stukjes open. Eén aan de punt van de plank en twee aan weerszijden van de lange kant. Ik haalde het koordje uit de oude hoes. Dat is van nylon en was nog helemaal intact. Dat koordje trok ik door de tunnel. Ik spande de hoes om de plank en trok het koordje tussen de twee open stukjes door een stukje naar buiten. Nu kon ik het spanbandje van de oude hoes (wat ook nog intact was) bevestigen. Als laatste nam ik de oude spanknoop en spande daarmee het begin en einde van het koordje. Ziezo. Kleine moeite, leuke besparing.

koordje, spanbandje en spanknoop konden
hergebruikt worden

De oude hoes gebruikte ik als mal

Tunneltje stikken

prachtig strak gespannen

Ook netjes glad om de punt van de plank
Ik kijk alvast uit naar morgenochtend. Mag ik op m´n nieuwe strijkplankhoes strijken. Ha, ha. Zie je wel, dat ik een beetje maf ben :-))

vrijdag 1 februari 2019

Wonderen

Er wordt weleens gezegd: ¨De wonderen zijn de wereld nog niet uit.¨ Nou, daar ben ik van overtuigd. Er gebeuren nog elke dag wonderen, grote en kleine. Gisteren hebben wij er ook één meegemaakt:

Maria is nu 14 maanden onder behandeling in het Sophia Kinderziekenhuis vanwege Anorexia Nervosa. Er is in de eerste helft van vorig jaar een goede vooruitgang geboekt, maar daarna stond de kar stil. Een half jaar lang ging Maria eigenlijk geen stapje vooruit. Maar ook stabiel blijven is bij deze ziekte al iets om voorzichtig blij mee te zijn. Toch was het echt nodig, dat dat stapje vóórwaarts gezet zou worden, want de drempel wordt naarmate de tijd verstrijkt steeds hoger. Ondanks elke twee weken een sessie bij de psycholoog, elke twee weken een sessie PMT (psycho motorische therapie), om de zoveel tijd een zitting bij de diëtist, heel veel inspanning van Maria zelf en van ons, lukte het niet. De psycholoog vond het daarom tijd worden, dat Maria zich zou laten inschrijven bij een kliniek. Maria kreeg wat links mee om te bekijken en haar werd geadviseerd om 2 of 3 klinieken uit te zoeken, die haar het best leken. Daarna zou de aanmelding gedaan worden, vervolgens bij 2 klinieken een intake en uiteindelijk zou Maria dan bij de kliniek, die het eerst plaats had, opgenomen worden.
Zover kwam het echter niet. Maria zag het totaal niet zitten om naar een kliniek te gaan. En ook ik had zo mijn bedenkingen wel. Als het niet anders kan: prima. Maar als het zonder kan: beter. De beslissing voor een aanmelding werd daardoor nog maar weer even opgeschort.

In de kerstvakantie kwam er een kentering. In die tijd lagen de verschillende therapieën even stil en dat bracht ontspanning. Maria kwam zelf op het idee, om de weegschaal maar eens even voor twee weken in de kast te zetten. Uiteraard is bij anorexia de weegschaal heel belangrijk. Ook op de therapie wordt het gewicht nauwlettend in de gaten gehouden. Daarom moet Maria zich altijd twee keer in de week wegen. Vast tijdstip, vaste omstandigheden en onder mijn toeziend oog. Dat gewicht wordt dan genoteerd en is een vast bespreekpunt bij de psycholoog. Maar dat wegen is altijd heel stressvol voor de patiënt: ben je aangekomen, dan is ´de Anorexia´ boos, maar is je moeder en de dokter blij. Ben je afgevallen, dan is ´de Anorexia´ blij en trots, maar kun je wel raden, dat je moeder en de dokter níet blij zijn. Het is dan ook nooit goed. Ik merk het altijd zondag- op maandagnacht. Op maandagochtend is het weegmoment en de nacht ervoor begin Maria al halverwege de nacht te spoken :-(. Het was dus een heel goed plan om die weegschaal er eens even uit te gooien!

Heel langzaam kwam er verandering in Maria´s eetpatroon. Het lukte steeds vaker om de door de diëtist voorgeschreven eetlijst te volgen. Ook is Maria´s gewicht de afgelopen weken wat toegenomen. Maar het allerbelangrijkste: de stem in haar hoofd is minder luid en minder aanwezig. De stem van ´de Anorexia´ (in het ziekenhuis wordt hierover gesproken, alsof het een persoon is), die steeds zegt, dat je (te) dik bent, dat je slap bent (als je iets eet), die je prijst (als je níet eet). De Anorexia, die jou allerlei onzin doet geloven en jouw baas is. Die zelfs bepaalt wat jij zíet: als je nog maar een geraamte bent en in de spiegel kijkt, zie jij een monsterlijk dik wezen! Pfff. Wat is anorexia een complexe en ernstige ziekte. Daar zijn we hier wel achter gekomen :-(.

Vorige week maandag waren we weer bij de psycholoog. En natuurlijk vertelde Maria blij, dat het nu echt wat beter ging. Maar vertelde daarna ook over de angsten, die dat proces dan weer met zich mee brengt. En ja, de psycholoog was zeker ook blij. Maar tegelijkertijd bracht ze terecht onder de aandacht, dat de strijd nog niet gestreden is. Anorexia is niet alleen een complexe en ernstige ziekte, maar ook een heel langdurige. Het patroon is, dat er steeds ups en downs zijn. En dan hopen we dat de dalen steeds minder diep worden.

Hoe dan ook: sinds vorige week zit de stijging er echt heel goed in. En gisteren bereikten we een nieuwe top.

Zoals vaste lezers weten, maken Willem en ik elk jaar met elk thuiswonend kind apart een uitstapje. Het was Maria´s beurt. Vaak wordt er lang van tevoren over nagedacht waar dat uitstapje naar toe zal zijn. In het geval van Maria was het erg lastig. Want ergens iets eten is heel moeilijk voor haar. Je moet weten, dat elke maaltijd zorgvuldig wordt afgewogen en dat Maria eigenlijk alleen iets eet, wat uit de winkel komt en waar voedingswaarden op staan. Zo kan ze namelijk calorieën tellen. Maar een uitstapje zonder ergens iets te eten? Er was een plan om een boottochtje met de Spido te maken en daarna nog even de stad in te gaan. Misschien zou Maria het zien zitten om ergens iets kleins te eten? Al was het maar een kom soep? Denk, denk, denk. Volgende plannetje was: naar Amsterdam. Daar wilde Maria bij één of andere bekende taartenwinkel kijken. Ja. En dan? ¨Bekend¨ eten van thuis meenemen?

Er stond wat druk op, om een keuze te maken, want Henk wil ook zoooooo graag z´n uitstapje met ons maken. Maar we hadden gezegd, dat hij pas ná Maria mocht. Ineens wist Maria het: ze wilde naar ´een stad´ en daarna wilde ze wel wokken. Wokken? Ja! Wokken!! Hallooooo. Is dit een wonder, of een wonder? Voor ons is het een wonder!

Wokken is natuurlijk tamelijk ´veilig´. Je bepaalt namelijk helemaal zelf wat je eet en hoeveel. Maar toch: zónder weegschaaltje en zónder calorieëntabel enzo. En daarbij: Maria vindt (vond?) het ook heel moeilijk om ándere mensen te zien eten. Vooral als er ´geschranst´ wordt. En wokrestaurants worden niet voor niets oneerbiedig ´vreetschuren´ genoemd. Omdat er onbeperkt gegeten kan worden en er zoveel overvloed is, gaan mensen doorgaans zitten schransen. Toch: Maria zag het helemaal zitten!

Gisterenmiddag was het zover! Als stad was Nijmegen gekozen. Dit omdat we hier pas geweest waren en we het er zo leuk vonden. Maria was er toen niet bij. Voor haar was het dus nieuw.

Op verzoek van Maria gingen we eerst naar een kringloopwinkel. We zijn daar dol op, om zomaar wat ´rond te snubbiken´. We gingen naar ¨Het Goed¨, een grote kringloopwinkel op een industrieterrein. We hebben zomaar op ons gemakje rond gekeken. Soms kom je dan onverwachts iets leuks tegen, wat je meeneemt. Soms ook niet. Ook dán vinden we kringloopwinkelen leuk. Toen we de hele winkel hadden doorgestruind, zakten we in de restauranthoek neer voor een kopje koffie. Zaten we daar gezellig met z´n drietjes op een oude leren bank aan een salontafeltje met formicablad. Het viel me trouwens op, dat de horeca er heel duur was. In onze omgeving drink je bij de Kringloopwinkel koffie voor een euro. Laat het 1,25 zijn. Hier werd maar liefst 2,20 voor een simpel bakkie koffie of thee gevraagd. Ook de prijzen van de artikelen lagen een stuk hoger dan bij ons in de buurt. We kochten uiteindelijk niets dan alleen een bakboekje voor Maria uit een serie, die ze spaart.



Op naar de stad! Het was inmiddels al laat-achtig in de middag en het begon al te schemeren. De winkels bleven nog wel even open, want het was koopavond. Het was erg koud, dus marcheerden we meer, dan dat we drentelden. Eerst maar naar Dille&Kamille. Want dat vindt ook Maria zo´n hele leuke winkel. En hoewel Willem en ik er dus pas nog waren geweest, was het voor ons geen straf. Op ons gemakje deden we een rondje.  Maria vond een prachtig groot bord. Perfect voor Jan, die in de groei en onverzadigbaar is. We maakten een foto en stuurden die naar de gezinsapp met de vraag, of dat bord wellicht Jan z´n maat zou kunnen zijn :-))



Maria wilde nog bakringen hebben. Die stonden op haar verlanglijstje, sinds ze dinsdag de workshop tartelette bakken had gedaan. We kochten de bakringen en lieten ze als kadootje inpakken. De kinderen krijgen bij hun uitstapje namelijk ook altijd een kleine herinnering. Een kadootje dus, waar Maria hopelijk nog lang plezier van heeft.

We deden zo nog wat winkeltjes en tenslotte zagen we in de verte de rode letters van H&M. Maria wilde graag een nieuwe winterjas in de sale kopen. Ze had voor haar verjaardag een dikke waardebon van H&M gekregen en die kon ze zo besteden. Ze slaagde heel goed. Een leuke legergroene parka-achtige jas. Lekker warm en helemaal goed.

Buiten gekomen was het nu echt donker en tijd om de auto weer op te zoeken.




We hadden namelijk om half 7 gereserveerd bij Wok ´De Molen´ in Malden. We kwamen daar in het pikkedonker aan en parkeren bleek er een crime. Maar een stukje de wijk in, was er plek genoeg. Het was druk in de wok en het was dus goed dat we gereserveerd hadden. We konden kiezen uit twee tafeltjes. Maria koos. Een strategisch plekje: bij het raam en niet middenin ;-).

Alle wokrestaurants hebben wel zo´n beetje hetzelfde principe. Maar hier stonden schaaltjes met knijpers met cijfertjes op de tafeltjes en we hadden geen idee waar die voor dienden. Willem (rasechte, vrijpostige Rotterdammer) klampte de meneer aan het tafeltje naast ons eens aan. Die wist het wel, want die was samen met zijn vrouw daar een regelmatige gast. Zo´n knijper is voor als je je wokgerecht uitgeserveerd wil krijgen. De knijper met het nummer van je tafel doe je aan de rand van je bord en als de kok je eten gewokt heeft, brengt een ober het bord bij je tafeltje.

Maar nu ging het dan toch beginnen. Het hoogtepunt van het uitstapje. En het ging heel goed!! Maria durfde echt te kiezen én te eten én te genieten. Dit is echt heus waar een wonder. Wie had dit een paar weken geleden durven denken? Wij niet!


mijn eigen bordje met mijn voorgerecht
(en dat was al ná een bordje lekkere soep!)




Later op de avond ontspon zich nog een heel gesprek met die mensen naast ons. Willem vroeg, wat die man voor werk deed. En later in het gesprek, vroeg hij, of ze soms ook kinderen hadden. En toen kregen we een onverwachts en onvergetelijk antwoord: ¨We hebben geen kinderen .... MEER¨..... Meneer en mevrouw hadden één zoon gehad, maar die was twee jaar geleden op 46-jarige leeftijd plotseling overleden. Lag zomaar dood in zijn bed. Ze hadden dus geen kinderen méér. Je begrijpt, dat er toen nog heel wat te praten was.

Nadat die mensen weggegaan waren, hebben we nog het toetjesbuffet eer aan gedaan en de maaltijd afgesloten met koffie. Voor Maria en mij een Latte, voor Willem een Spaanse.

In de donkere, koude avond, reden we laat naar huis toe. Wat een WONDERlijk uitstapje. Vanwege Maria´s overwinning in de wok, maar ook vanwege het wonderlijke gesprek met die mensen. Dat liet ons niet zomaar los. Een uitstapje weer om nooit te vergeten.