Wij hadden vandaag een volle dag.
Vanmorgen was er de begrafenis van iemand uit onze gemeente.
En vanmiddag zijn we naar Willem z´n zus gegaan om daar te helpen met de tuin opknappen. Hans was daar vanmorgen al met twee maten begonnen. En Henk was ook mee. Vele handen maken licht werk. Aan het eind van de middag was de klus geklaard. De tuin was helemaal leeg getrokken, er waren schuttingen gezet en er was gras ingezaaid. Het ziet er allemaal weer netjes uit.
Aan het einde van de middag gebeurde er nog een ongelukje. Hans sloeg de achterklep van zijn auto dicht, maar zijn middelvinger zat er tussen. Hij heeft zo´n klep, die zichzelf dichttrekt. Hij gaf een brul en op hetzelfde moment kreeg hij het voor elkaar zijn vinger er tussenuit te krijgen. Willem en ik renden op het gebrul af. Ik zag het al snel en even vreesde ik, dat Hans z´n vingertop eraf was. Die zat er nog aan en dus riep ik: ¨Koelen! Naar de kraan.¨ Hans rende naar de keuken, ik er achteraan. Terwijl Hans zijn vinger onder de kraan hield, zag ik dat hij van z´n stokje dreigde te gaan. Ik schoof snel een kruk bij, zodat hij kon zitten. Dat hield hij een poosje vol, maar dreigde vervolgens van de kruk te vallen. Dus is hij met zijn rug tegen de muur op de grond gaan zitten. Het was even hectisch: een bak met water om z´n hand in te doen, koud water om op te drinken, een koude washand op zijn hoofd, paracetamollen....Heel langzaam kwam er weer wat kleur op Hans z´n gezicht. Maar hij was verder wel uitgerangeerd.
Gelukkig was het werk bijna af. We veegden de laatste rommel op en daarna is Willem in Hans z´n auto naar huis gereden. Gelukkig heeft Willem ook een rijbewijs voor een grote aanhangwagen. Hans stapte bij hem in. Ik schoof in Willem z´n auto en nam Henk mee. Zo kwam alles toch nog goed.
Toen we thuis kwamen, waren de kleinkinderen er. Koos was een dagje met ze op stap geweest. Als afsluiter mochten ze blijven eten. Altijd feest :-).
Nu ben ik best moe. Ik tik nog even de weekuitgaven in. Deze maand is mijn back-to-basic-maand en ik geef alleen uit wat nodig is. Vandaag zijn er een paar uitgaven teveel gedaan. Maaike haalde pedaalemmerzakken, die ik juist van de week al gekocht had. Niet erg. Daar doen we nu wel een poos mee. Ik gebruik ze alleen in het afvalemmertje in de douche en ik doe er soms brood mee in de vriezer. Ook kocht Maaike snacks voor bij de patat, die ik nog voldoende op voorraad had. En een zak friet, terwijl we nog voldoende zelfgemaakte friet van vorige week in de vriezer hadden. Allemaal goede voorraad en dus geen man overboord.
Dit ging er uit de portemonnee:
Groentekraam: 30 euro (voor twee weken)
Drogisterij van Zessen 30,95 collageenpillen (op aanraden van een lezeres; het zou helpen bij bekkenpijn)
Kringloopwinkel 10,50 stofzuiger (voor in ons nieuwe huis, om te klussen), koffiekopje, au bain marie pannetje
Lidl 9,33 3 kuipjes margarine, 1 zak chips, 5 kilo uien, 2 rollen pedaalemmerzakjes
AH 18,08 3 melk, 2 kilo jong belegen kaas
AH 7,43 zak friet, 1 1/2 kilo bonen, pedaalemmerzakken, loempia´s, mini-snacks
Totaal: 106,29
Posts tonen met het label begrafenis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label begrafenis. Alle posts tonen
zaterdag 14 september 2019
donderdag 12 september 2019
Een agenda vol verdriet en dagelijkse onbenulligheden
door
Teunie
Deze week staan er veel verdrietige dingen in mijn agenda. Vorige week overleden er drie mensen uit onze gemeente. En deze week zijn er dus drie condoleances en drie begrafenissen. Twee van de drie mensen kende ik meer van nabij, één kende ik niet zo persoonlijk.
Vanmiddag was de tweede begrafenis en hoorde ik dat er vanmorgen alwéér iemand uit de gemeente is overleden. Een man van mijn leeftijd. Wat een verdriet toch. De dagelijkse bezigheden kunnen dan zo onbenullig lijken. Toch gaan die dagelijkse onbenulligheden ook door en vliegt de week zomaar weer om.
Vanavond kwamen de mensen die ons huis gekocht hebben op bezoek. De kinderen waren zó benieuwd, waar ze zullen gaan wonen! Wij hadden nog geen kennis gemaakt met de kopers. Dat is toch eigenlijk best raar. Ik vind het leuk om nu te weten wie na ons in dit huis gaan wonen. En ik hoop, dat ze er met net zo veel plezier zullen wonen als wij.
We lieten het gezin eerst op hun gemakje in ons huis rondkijken. En terwijl de kinderen de speeltuin naast ons huis gingen verkennen, dronken we een kop koffie en hadden spraakwater genoeg. De nieuwe bewoners zijn ook Alblasserdammers en al snel blijk je dan gemeenschappelijke kennissen te hebben. Als we nog een uurtje langer gepraat hadden, waren we misschien heel in de verte nog familie van elkaar geweest. Ha, ha. Wat is Alblasserdam dan toch ook echt een dorp :-).
Intussen hebben we ook al bijna de tweede week van de back-to-basic-maand er op zitten. Ook deze week ben ik bloedfanatiek en koop alleen wat echt nodig is. We leven zoveel mogelijk uit de voorraad. Eigenlijk is het ook wel heel fijn om straks bij de verhuizing een zo klein mogelijke voorraad te hebben staan. Ik kan beter in het nieuwe huis met een schone lei en een lege kelder beginnen. Die kelder is trouwens letterlijk. Er zit een grote, ouderwetse kelder in de boerderij. Zoéén met een steil trappetje en met twee kleine raampjes, die nét bovengronds zitten. Ik verheug me er al op om straks mijn eigen winkeltje aan huis te hebben daar! Bij voorkeur met planken vol weck uit eigen moestuin ;-).
Hoewel ik dus zo min mogelijk koop, heb ik maandag wel een partijtje groenten en fruit bij de groentekraam op de markt gekocht. Want daar was ik nagenoeg doorheen. Er zat niet zo heel veel groente bij, maar wel veel fruit. Ik betaalde 30 euro. Dat is best een groot bedrag. Maar daar doe ik dan wel twee weken mee. Het is dus 15 euro per week en maar iets meer dan 2 euro per dag. Welbeschouwd is dat een koopje voor een gezin van 8 personen. Slecht 0,25 euro per persoon per dag aan groente en fruit.
Het fruit van deze week is niet alleen overvloedig, maar ook behoorlijk luxe. We hebben een bak vol passievruchten. Volgens de groenteman is dat goed om meer passie in je relatie te krijgen :-). Verder: handperen, verse abrikozen, wat appels, Hollandse kersen, aardbeien, honingmeloenen en zespri´s. Ik zei het al: pure luxe!
Wat ziet zo´n passievrucht er van binnen trouwens kunstig uit! Prachtig!
De maaltijden zijn misschien een beetje wonderlijk samengesteld :-). Maar ze zijn beslist geen straf!
Maandag moest ik rond etenstijd met Maria naar het ziekenhuis voor therapie. Ik zorgde, voordat we weggingen, dat het eten klaarstond voor Willem en de kinderen. Ik noemde m´n brouwsel: ¨Kerrie-groente met kip en rijst¨. Voor deze maaltijd maakte ik een grote pan kerriesaus van gelijke delen zonnebloemolie en tarwebloem, aangelengd tot sausdikte met bouillon en een flinke lepel Engelse Kerrie. Ik voegde er kort gekookte broccoliroosjes aan toe een handje rozijnen. Als laatste ploos ik het vlees van het stuk soepkip, waar ik vorige week bouillon van had getrokken. Het was een flinke pan gele prut. Eigenlijk zag het er niet zo heel aantrekkelijk uit, maar de smaak was verrukkelijk. Ik warmde een restant zilvervliesrijst van vorige week op en kookte nog wat aardappels voor de rijsthaters. Voor het toetje zette ik een flink vergiet met kersen klaar.
Terwijl ik in de wachtkamer op Maria zat te wachten, verschenen er twee foto´s in de familie-app.
De ene kwam om 17.41 uur:
De andere om 18.01 uur...
Het was weer eens ´sneller opgegeten, dan klaargemaakt´. Ha, ha.
Dinsdag stond er soep met vers gebakken brood en kruidenboter op het menu. We hadden die dag niet zoveel tijd om te tafelen, want we zouden al om kwart voor 7 op stap gaan naar Zeeland. Ik maakte een bijzonder lekker uitgevallen tomaten-groentesoep. Ook deze soep was deels weer restverwerking/voorraad opmaken. Ik gebruikte het restant van de courgettesoep van vorige week. Daar ging een literpot tomaten-basissaus uit de weck bij en een grote zak fijne soepgroenten uit de vriezer. Verder: twee blikjes tomatenpuree (voorraad), wat soepballetjes van een restje gekruid gehakt en een flinke hand vermicelli (voorraad). Het brood bakte ik van een restant Waldhornmix en bloem. De kruidenboter maakte ik van een restje roomboter (over van zondag), een lik tafelmargarine en kruidenboterkruiden.
Vandaag aten we stamppot rode kool met rookworst en een restje jus. De rode kool kwam uit de vriezer. De rookworsten kocht ik aan het eind van de winter bij Xenos. Daar hebben ze bij de kassa vaak van die dumpartikelen met een heel korte THT-datum. Het waren Unox worsten en als ik het me goed herinner heb ik er 0,25 euro per stuk voor betaald. Inmiddels waren die worsten minstens een half jaar over de datum. Maar dat maakt echt geen fluit uit, als ze goed in de vacuüm zitten. Nu kwamen ze mooi van pas.
Het toetje was geheel in stijl: ik maakte een doos vanille ijs op. Het doosje was nog voor ongeveer driekwart vol. Het ijs was niet perfect meer, want een paar weken geleden heeft de vriezer open gestaan. Het ijs is toen een beetje ontdooid geweest en nu zaten er ijskristalletjes in. Maar die werden prachtig gecamoufleerd door de aardbeitjes, waar ik even de kook over had laten gaan én de slagroom (pakje uit de voorraad).
Ik geniet er echt van om van ´niets´ iets lekkers klaar te maken. Er hoeft niets weggegooid te worden. Het vergt alleen wat planning, wat tijd en wat creativiteit.
Vanmiddag was de tweede begrafenis en hoorde ik dat er vanmorgen alwéér iemand uit de gemeente is overleden. Een man van mijn leeftijd. Wat een verdriet toch. De dagelijkse bezigheden kunnen dan zo onbenullig lijken. Toch gaan die dagelijkse onbenulligheden ook door en vliegt de week zomaar weer om.
Vanavond kwamen de mensen die ons huis gekocht hebben op bezoek. De kinderen waren zó benieuwd, waar ze zullen gaan wonen! Wij hadden nog geen kennis gemaakt met de kopers. Dat is toch eigenlijk best raar. Ik vind het leuk om nu te weten wie na ons in dit huis gaan wonen. En ik hoop, dat ze er met net zo veel plezier zullen wonen als wij.
We lieten het gezin eerst op hun gemakje in ons huis rondkijken. En terwijl de kinderen de speeltuin naast ons huis gingen verkennen, dronken we een kop koffie en hadden spraakwater genoeg. De nieuwe bewoners zijn ook Alblasserdammers en al snel blijk je dan gemeenschappelijke kennissen te hebben. Als we nog een uurtje langer gepraat hadden, waren we misschien heel in de verte nog familie van elkaar geweest. Ha, ha. Wat is Alblasserdam dan toch ook echt een dorp :-).
Intussen hebben we ook al bijna de tweede week van de back-to-basic-maand er op zitten. Ook deze week ben ik bloedfanatiek en koop alleen wat echt nodig is. We leven zoveel mogelijk uit de voorraad. Eigenlijk is het ook wel heel fijn om straks bij de verhuizing een zo klein mogelijke voorraad te hebben staan. Ik kan beter in het nieuwe huis met een schone lei en een lege kelder beginnen. Die kelder is trouwens letterlijk. Er zit een grote, ouderwetse kelder in de boerderij. Zoéén met een steil trappetje en met twee kleine raampjes, die nét bovengronds zitten. Ik verheug me er al op om straks mijn eigen winkeltje aan huis te hebben daar! Bij voorkeur met planken vol weck uit eigen moestuin ;-).
Hoewel ik dus zo min mogelijk koop, heb ik maandag wel een partijtje groenten en fruit bij de groentekraam op de markt gekocht. Want daar was ik nagenoeg doorheen. Er zat niet zo heel veel groente bij, maar wel veel fruit. Ik betaalde 30 euro. Dat is best een groot bedrag. Maar daar doe ik dan wel twee weken mee. Het is dus 15 euro per week en maar iets meer dan 2 euro per dag. Welbeschouwd is dat een koopje voor een gezin van 8 personen. Slecht 0,25 euro per persoon per dag aan groente en fruit.
Het fruit van deze week is niet alleen overvloedig, maar ook behoorlijk luxe. We hebben een bak vol passievruchten. Volgens de groenteman is dat goed om meer passie in je relatie te krijgen :-). Verder: handperen, verse abrikozen, wat appels, Hollandse kersen, aardbeien, honingmeloenen en zespri´s. Ik zei het al: pure luxe!
Wat ziet zo´n passievrucht er van binnen trouwens kunstig uit! Prachtig!
De maaltijden zijn misschien een beetje wonderlijk samengesteld :-). Maar ze zijn beslist geen straf!
Maandag moest ik rond etenstijd met Maria naar het ziekenhuis voor therapie. Ik zorgde, voordat we weggingen, dat het eten klaarstond voor Willem en de kinderen. Ik noemde m´n brouwsel: ¨Kerrie-groente met kip en rijst¨. Voor deze maaltijd maakte ik een grote pan kerriesaus van gelijke delen zonnebloemolie en tarwebloem, aangelengd tot sausdikte met bouillon en een flinke lepel Engelse Kerrie. Ik voegde er kort gekookte broccoliroosjes aan toe een handje rozijnen. Als laatste ploos ik het vlees van het stuk soepkip, waar ik vorige week bouillon van had getrokken. Het was een flinke pan gele prut. Eigenlijk zag het er niet zo heel aantrekkelijk uit, maar de smaak was verrukkelijk. Ik warmde een restant zilvervliesrijst van vorige week op en kookte nog wat aardappels voor de rijsthaters. Voor het toetje zette ik een flink vergiet met kersen klaar.
Terwijl ik in de wachtkamer op Maria zat te wachten, verschenen er twee foto´s in de familie-app.
De ene kwam om 17.41 uur:
De andere om 18.01 uur...
Het was weer eens ´sneller opgegeten, dan klaargemaakt´. Ha, ha.
Dinsdag stond er soep met vers gebakken brood en kruidenboter op het menu. We hadden die dag niet zoveel tijd om te tafelen, want we zouden al om kwart voor 7 op stap gaan naar Zeeland. Ik maakte een bijzonder lekker uitgevallen tomaten-groentesoep. Ook deze soep was deels weer restverwerking/voorraad opmaken. Ik gebruikte het restant van de courgettesoep van vorige week. Daar ging een literpot tomaten-basissaus uit de weck bij en een grote zak fijne soepgroenten uit de vriezer. Verder: twee blikjes tomatenpuree (voorraad), wat soepballetjes van een restje gekruid gehakt en een flinke hand vermicelli (voorraad). Het brood bakte ik van een restant Waldhornmix en bloem. De kruidenboter maakte ik van een restje roomboter (over van zondag), een lik tafelmargarine en kruidenboterkruiden.
Gisteren was het weer tijd voor een ´gewoon prakkie´. Het werd bloemkool, gekookte aardappels, slavinken (uit de vriezer; vorige week met 35% korting gekocht) en pindasaus (restje van zaterdag). Fruit toe.
Vandaag aten we stamppot rode kool met rookworst en een restje jus. De rode kool kwam uit de vriezer. De rookworsten kocht ik aan het eind van de winter bij Xenos. Daar hebben ze bij de kassa vaak van die dumpartikelen met een heel korte THT-datum. Het waren Unox worsten en als ik het me goed herinner heb ik er 0,25 euro per stuk voor betaald. Inmiddels waren die worsten minstens een half jaar over de datum. Maar dat maakt echt geen fluit uit, als ze goed in de vacuüm zitten. Nu kwamen ze mooi van pas.
Het toetje was geheel in stijl: ik maakte een doos vanille ijs op. Het doosje was nog voor ongeveer driekwart vol. Het ijs was niet perfect meer, want een paar weken geleden heeft de vriezer open gestaan. Het ijs is toen een beetje ontdooid geweest en nu zaten er ijskristalletjes in. Maar die werden prachtig gecamoufleerd door de aardbeitjes, waar ik even de kook over had laten gaan én de slagroom (pakje uit de voorraad).
Ik geniet er echt van om van ´niets´ iets lekkers klaar te maken. Er hoeft niets weggegooid te worden. Het vergt alleen wat planning, wat tijd en wat creativiteit.
dinsdag 14 november 2017
De boodschappen
door
Teunie
Vanmorgen vroeg werden de boodschappen bezorgd. Normaal gebeurt dat op vrijdag, maar de besteltijd was gewijzigd, zodat mijn bestelling te laat was voor het weekend. Er werd gebeld, of de bestelling op maandag bezorgd mocht worden. Prima! Maar aan het einde van de maandagmiddag was er niets gebracht en ik dacht al: dat zal wel met het verkeer te maken hebben. Het verkeer heeft hier in de Randstad gisteren de hele ochtend muurvast gezeten door verschillende ongelukken. Dat was inderdaad de boosdoener. Ik werd alwéér gebeld: of het misschien dinsdag bezorgd mocht worden. Geen probleem. En ja hoor, vanmorgen kwam al vòòr half 9 het busje van de supermarkt en werd mijn bestelling gelost.
Acht flinke kratten vol. Maar het is dan ook voor een hele maand. Al meer dan 15 jaar is dit mijn manier van boodschappen doen: eens per maand alle houdbare producten laten bezorgen, zodat ik alleen maar op stap hoef voor de verse waren. Twee jaar geleden heb ik uitgebreid beschreven hoe dat precies in z´n werk gaat.
Nieuwsgierig wat ik kwijt was?
Net iets meer dan 350 euro. Dat komt dus neer op bijna 40 euro per persoon per maand aan houdbare spullen (we zijn met z´n negenen).
Wat ik daarvoor kocht? Nou vooruit, dat is ook al geen geheim :-).
Vlees bestel ik bij mijn broer. Meestal eens in de twee maanden. Dat gaat in de vriezer. Groenten haal ik eens in de twee weken ´aan het einde van de markt´. Brood bak ik zelf met meel uit mijn shop. Melk komt eens in de week vers van de boer. Wasmiddel maak ik zelf met zeep uit de shop. Het enige wat ik nog bij moet kopen is broodbeleg voor Leendert. Hij neemt elke dag een pakje vleeswaren mee naar z´n werk. Ik koop dat meestal met 35% korting bij AH.
Ik heb de diepvriesspullen in de vriezer gedaan en de rest mocht buiten blijven staan. Het was vandaag toch koud genoeg. Ik had niet direct tijd om alles in de kasten te zetten. Eerst moest ik met mijn auto naar de garage. De remlichten deden het niet meer en dat is uiteraard levensgevaarlijk. Met een half uur was het gepiept en durfde ik weer met een gerust hart te rijden. Ik reed meteen maar even naar Barendrecht, want ik had nog wat verpakkingsmateriaal nodig voor de shop.
Toen ik thuiskwam was het al over tienen en ik was hard aan een bak koffie en een kleine pauze toe. Niet te lang, want de ochtend was kort. Vanmiddag was de begrafenis van onze oude buurman en we gingen daar met z´n achten naar toe. Daar moest ik kleding voor klaarleggen, nog een knoop aan een jas zetten, nog broodjes te smeren voor een vroege lunch enzovoorts. Vanaf half 12 kwam iedereen binnendruppelen en was het een drukte van belang. Om stipt half 1 was iedereen klaar en vertrokken we in twee auto´s naar de kerk.
De begrafenis was verdrietig, plechtig, indrukwekkend en ... KOUD! Heel erg koud! Ik was zó blij, dat ik een dik vest (in ons gezin mijn ´berevel´ genoemd) onder mijn jas aan gedaan had! Ik zag er dan wel uit als een kamerolifant (die jas zat met dat dikke vest eronder nogal krap), maar dat kon me niets schelen.
Na afloop riep de dagelijkse plicht. Dat is altijd zo´n raar omschakelmoment, dat je dan ineens weer met basale/banale dingen moet bezig zijn. Maar ja. De pakjes moesten naar de post, de boodschappen uitgepakt, het eten gekookt enzovoorts. En zo is ook deze dag weer bijna ten einde. Morgen bij leven en welzijn wasdag. Want de was is er bij ingeschoten vandaag. En ook bakdag, trouwens, want het brood is op. Gelukkig. Ik hoef me wéér niet te vervelen ;-).
Acht flinke kratten vol. Maar het is dan ook voor een hele maand. Al meer dan 15 jaar is dit mijn manier van boodschappen doen: eens per maand alle houdbare producten laten bezorgen, zodat ik alleen maar op stap hoef voor de verse waren. Twee jaar geleden heb ik uitgebreid beschreven hoe dat precies in z´n werk gaat.
Nieuwsgierig wat ik kwijt was?
Net iets meer dan 350 euro. Dat komt dus neer op bijna 40 euro per persoon per maand aan houdbare spullen (we zijn met z´n negenen).
Wat ik daarvoor kocht? Nou vooruit, dat is ook al geen geheim :-).
1 zak soda
20 houdbare halfvolle melk
8 pakjes houdbare slagroom
6 chocomelk markant
4 basterdsuiker
6 kristalsuiker 1,5 kilo
2 bruine basterdsuiker
1 filterzakjes no2
5 pond koffie roodmerk snelfiltermaling
12 grote potten pindakaas
12 zakjes hagelslag puur
6 chocoladepasta diverse smaken
2 kokosbrood
4 ontbijtkoeken markant
3 sandwichspread markant
1 gestampte muisjes
2 kipfilet
2 runderrookvlees
2 schouderham
2 gebraden gehakt
2 cervelaatworst
1 ring leverworst
1stuk kookworst
2 doosjes gerookte spekblokjes
4 punten noord-hollandse jong belegen plus 4 gratis
1 stukje brie
2 grote dozen frikandellen
1 grote zak kroketten
1 grote zak bitterballen
2 doosjes kaassoufflé's
2 pakjes bladerdeeg
4 potten kwart naturel
12 pakjes roomboter
16 pakjes margarine
2 emmertjes fritessaus
3 mayonaise markant
4 potten augurken
1 fles ketjap manis groot
1 currysaus
2 blikken tomaten
3 blikjes ananasstukjes
3 potten doperwten
2 potten bruine bonen
8 flessen zonnebloemolie
6 pakken volkoren macaroni
3 pakjes volkoren spaghetti
3 pakjes gezeefde tomaten
2 blikken ham
2 pakken lange vingers
2 rol beschuit
1 roosvicee markant
2 grote verpakkingen toiletpapier
3 kaaschips
1 pindachips
2 paprikachips
2 naturelchips
3 cola
3 sinas
3 drink
3 cassis
3 sinaasappelsap
3 icetea
3 tintelfruit
2 appelsap
8 blikken siroop, diverse smaken
4 zakken snoep, geen zuurtjes
4 karnemelk
2 unox gelderse rookworst 375 gr plus 2 gratis
Vlees bestel ik bij mijn broer. Meestal eens in de twee maanden. Dat gaat in de vriezer. Groenten haal ik eens in de twee weken ´aan het einde van de markt´. Brood bak ik zelf met meel uit mijn shop. Melk komt eens in de week vers van de boer. Wasmiddel maak ik zelf met zeep uit de shop. Het enige wat ik nog bij moet kopen is broodbeleg voor Leendert. Hij neemt elke dag een pakje vleeswaren mee naar z´n werk. Ik koop dat meestal met 35% korting bij AH.
Ik heb de diepvriesspullen in de vriezer gedaan en de rest mocht buiten blijven staan. Het was vandaag toch koud genoeg. Ik had niet direct tijd om alles in de kasten te zetten. Eerst moest ik met mijn auto naar de garage. De remlichten deden het niet meer en dat is uiteraard levensgevaarlijk. Met een half uur was het gepiept en durfde ik weer met een gerust hart te rijden. Ik reed meteen maar even naar Barendrecht, want ik had nog wat verpakkingsmateriaal nodig voor de shop.
Toen ik thuiskwam was het al over tienen en ik was hard aan een bak koffie en een kleine pauze toe. Niet te lang, want de ochtend was kort. Vanmiddag was de begrafenis van onze oude buurman en we gingen daar met z´n achten naar toe. Daar moest ik kleding voor klaarleggen, nog een knoop aan een jas zetten, nog broodjes te smeren voor een vroege lunch enzovoorts. Vanaf half 12 kwam iedereen binnendruppelen en was het een drukte van belang. Om stipt half 1 was iedereen klaar en vertrokken we in twee auto´s naar de kerk.
De begrafenis was verdrietig, plechtig, indrukwekkend en ... KOUD! Heel erg koud! Ik was zó blij, dat ik een dik vest (in ons gezin mijn ´berevel´ genoemd) onder mijn jas aan gedaan had! Ik zag er dan wel uit als een kamerolifant (die jas zat met dat dikke vest eronder nogal krap), maar dat kon me niets schelen.
Na afloop riep de dagelijkse plicht. Dat is altijd zo´n raar omschakelmoment, dat je dan ineens weer met basale/banale dingen moet bezig zijn. Maar ja. De pakjes moesten naar de post, de boodschappen uitgepakt, het eten gekookt enzovoorts. En zo is ook deze dag weer bijna ten einde. Morgen bij leven en welzijn wasdag. Want de was is er bij ingeschoten vandaag. En ook bakdag, trouwens, want het brood is op. Gelukkig. Ik hoef me wéér niet te vervelen ;-).
vrijdag 27 mei 2016
De onwerkelijke werkelijkheid
door
Teunie
Is het heus nog maar een week geleden, dat mijn vader stierf? Is het heus morgen pas twee weken geleden, dat mijn moeder werd begraven? Het is een onwerkelijke werkelijkheid en voor ons allemaal erg moeilijk te bevatten.
In de laatste 24 uur van zijn leven heeft mijn vader zich niet meer verroerd. Alleen aan zijn oppervlakkige ademhaling en aan zijn bonzende hartslag kon je merken, dat hij nog leefde. We hebben elkaar steeds afgewisseld en ervoor gezorgd dat er continu iemand bij hem was. We konden niets meer doen, dan af en toe zijn lippen nat maken en hem strelen.
Ik week bijna niet meer van zijn bed. Zat er donderdagochtend, donderdagmiddag en donderdagavond/nacht. Om 3.00 uur ging ik, samen met Willem, naar huis en vrijdagmorgen om half 9 was ik er samen met m´n schoonzus, die ik had opgehaald, opnieuw. We zaten met een heel groepje rondom zijn bed, toen om half 10, zomaar ´uit het niets´, maar op Gods tijd, het einde van mijn vaders aardse leven dáár was.
Groot is het verdriet. De klap is dubbel. We hadden nog helemaal geen tijd gehad, om over mijn moeder te rouwen. Hadden meteeen de zorgtaak voor mijn vader op ons genomen. En nu, in 11 dagen tijd, zijn we als in één klap moeder én vader kwijt!
Het was erg onwerkelijk om alles voor de tweede keer te doen: de begrafenisondernemer bellen, de bellijsten pakken en de familie en vrienden op de hoogte brengen, vader afleggen, op dezelfde plaats als waar mijn moeder stond (thuis) opbaren, kaart opstellen, dezelfde mensen in dezelfde samenstellingen in besloten condoléances ontmoeten. En ja, die mensen zeggen dan ook nog eens allemaal hetzelfde:
- het is niet te bevatten
- het is ongelofelijk
- nou, daar zijn we weer
enzovoorts
Het was of het allemaal in een roes aan ons voorbij ging. Of het over iemand anders ging.
Dinsdagavond was de grote condoléance. En omdat pa een grote plaats innam in het kerkelijk, burgerlijk, zakelijk en familie-leven, was de toeloop enorm. Twee uur lang drukten mensen ons in één lange stroom de hand.
We sloten, als kinderen, net als bij ma, de kist en huilden. Omdat we ons lieve vadertje hier nooit meer zouden zien. Omdat we nu geen vader én geen moeder meer hebben. Omdat we zoveel van ze hielden. Omdat het allemaal de rauwe, onwerkelijke, werkelijkheid was.
Woensdag was de begrafenis. Wat zag ik er verschrikkelijk tegenop!
Daar zaten we weer. Vooraan in de kerk. Onze kinderen en kleinkinderen in de banken achter ons. Daarachter broer, zussen, zwagers en schoonzussen van mijn vader. In het vak opzij neven, nichten, vrienden. In stilte vulde zich de kerk.
De overdenking was uit de tekst, die op de rouwbrief stond:
Dit is een gedeelte uit de lofzang van Zacharias en was door mijn vader zelf uitgezocht om boven de kaart te zetten. Ouderling van Maren heeft tijdens mijn vaders leven uit zijn eigen mond gehoord, wat deze tekst voor hem betekend heeft. Dat maakte, dat van Maren niet alleen de tekst verklaarde, maar ook kon vertellen uit het zieleleven van mijn vader. Het was fijn om alle bekende klanken zo troostend en waarschuwend en aanmoedigend over ons uitgestort te krijgen.
De rouwdienst werd besloten. Het gezang steeg ingetogen uit de volle kerk op:
We liepen weer in een lange, lange stoet naar de begraafplaats. Acht kleinzonen namen de kist op hun schouder en droegen hun opa naar zijn laatste rustplaats.
Op het graf was nog een korte overdenking over:
Ouderling Penning sprak alle aanwezigen en met name ook de kinderen ernstig en tegelijk liefdevol toe. En daarna was daar broer Jan weer voor het dankwoord. De begrafenis van mijn vader is net als die van mijn moeder een gebeurtenis waar we, hoe raar dat ook klinkt, toch met blijde gevoelens op terugkijken. We mogen toch geloven dat onze ouders de eeuwige rust zijn ingegaan. Dat is een grote troost.
Nadat de plechtigheid in de kerk was afgesloten en we met de genodigden een broodje hadden gegeten, was het tijd om naar huis te gaan. We kregen nog heel wat warme handdrukken, bemoedigende woorden, liefdevolle kussen. Toen de laatste gast was vertrokken, stonden we daar met z´n achten ietwat verloren in de kerk. We moeten verder. Ik zal de laatste zijn om te zeggen: we moeten ´gewoon´ verder. Want nee, ´gewoon´ is het niet meer. Alles is ineens zo anders geworden. Er ligt zoveel verdriet en gemis op de bodem van mijn hart. Mijn geest is zo vol van alle herinneringen die maar over elkaar heen blijven buitelen. Het voelde zo apart om nu uit elkaar te gaan, zonder afspraken over wie er wanneer naar pa of ma zou gaan. Over wie er wat op zich zou nemen.
Er ligt nog een hele weg van rouw voor ons. Van het inleven van het gemis. Van het moeten leeghalen van ons ouderlijk huis. Van zakelijke beslissingen die ongetwijfeld genomen moeten worden. We gaan het zien.
Voor nu is het genoeg om mijn taak in het gezin weer voor 100% op me te nemen. De kinderen zijn de afgelopen maanden noodgedwongen echt aan me tekort gekomen. Er zijn dingen blijven liggen die nodig opgepakt moeten worden. Dat varieert van fakturen die snel betaald moeten worden, omdat er al aanmaningen liggen tot afspraken maken met artsen en -peuten omdat die uitgesteld zijn. Van het verzorgen van de bijen tot het in orde brengen van de diverse zomergarderobes. Van het verwijderen van uitgebloeide tulpen tot het opruimen van opgespaarde zooi in huis. Van het oppakken van de blogdraad tot het vullen van de webshop. Werk genoeg. En dat is ook wel goed. Mijn manier om verdriet een plaatsje te geven is door alles letterlijk te verWERKEN. Aan de slag dus maar.
In de laatste 24 uur van zijn leven heeft mijn vader zich niet meer verroerd. Alleen aan zijn oppervlakkige ademhaling en aan zijn bonzende hartslag kon je merken, dat hij nog leefde. We hebben elkaar steeds afgewisseld en ervoor gezorgd dat er continu iemand bij hem was. We konden niets meer doen, dan af en toe zijn lippen nat maken en hem strelen.
Ik week bijna niet meer van zijn bed. Zat er donderdagochtend, donderdagmiddag en donderdagavond/nacht. Om 3.00 uur ging ik, samen met Willem, naar huis en vrijdagmorgen om half 9 was ik er samen met m´n schoonzus, die ik had opgehaald, opnieuw. We zaten met een heel groepje rondom zijn bed, toen om half 10, zomaar ´uit het niets´, maar op Gods tijd, het einde van mijn vaders aardse leven dáár was.
Groot is het verdriet. De klap is dubbel. We hadden nog helemaal geen tijd gehad, om over mijn moeder te rouwen. Hadden meteeen de zorgtaak voor mijn vader op ons genomen. En nu, in 11 dagen tijd, zijn we als in één klap moeder én vader kwijt!
Het was erg onwerkelijk om alles voor de tweede keer te doen: de begrafenisondernemer bellen, de bellijsten pakken en de familie en vrienden op de hoogte brengen, vader afleggen, op dezelfde plaats als waar mijn moeder stond (thuis) opbaren, kaart opstellen, dezelfde mensen in dezelfde samenstellingen in besloten condoléances ontmoeten. En ja, die mensen zeggen dan ook nog eens allemaal hetzelfde:
- het is niet te bevatten
- het is ongelofelijk
- nou, daar zijn we weer
enzovoorts
Het was of het allemaal in een roes aan ons voorbij ging. Of het over iemand anders ging.
Dinsdagavond was de grote condoléance. En omdat pa een grote plaats innam in het kerkelijk, burgerlijk, zakelijk en familie-leven, was de toeloop enorm. Twee uur lang drukten mensen ons in één lange stroom de hand.
We sloten, als kinderen, net als bij ma, de kist en huilden. Omdat we ons lieve vadertje hier nooit meer zouden zien. Omdat we nu geen vader én geen moeder meer hebben. Omdat we zoveel van ze hielden. Omdat het allemaal de rauwe, onwerkelijke, werkelijkheid was.
Woensdag was de begrafenis. Wat zag ik er verschrikkelijk tegenop!
Daar zaten we weer. Vooraan in de kerk. Onze kinderen en kleinkinderen in de banken achter ons. Daarachter broer, zussen, zwagers en schoonzussen van mijn vader. In het vak opzij neven, nichten, vrienden. In stilte vulde zich de kerk.
De overdenking was uit de tekst, die op de rouwbrief stond:
Lukas 1 : 77, 78
door de innerlijke bewegingen der barmhartigheid onzes Gods,
met welke ons bezocht heeft de Opgang uit de hoogte;
Om te verschijnen dengenen, die gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods;
om onze voeten te richten op den weg des vredes.
Dit is een gedeelte uit de lofzang van Zacharias en was door mijn vader zelf uitgezocht om boven de kaart te zetten. Ouderling van Maren heeft tijdens mijn vaders leven uit zijn eigen mond gehoord, wat deze tekst voor hem betekend heeft. Dat maakte, dat van Maren niet alleen de tekst verklaarde, maar ook kon vertellen uit het zieleleven van mijn vader. Het was fijn om alle bekende klanken zo troostend en waarschuwend en aanmoedigend over ons uitgestort te krijgen.
De rouwdienst werd besloten. Het gezang steeg ingetogen uit de volle kerk op:
Voor elk, die in het duister dwaalt,
Verstrekt deez' zon een helder licht.
Dat hem in schâuw des doods bestraalt,
Op 't vredepad zijn voeten richt.
Verstrekt deez' zon een helder licht.
Dat hem in schâuw des doods bestraalt,
Op 't vredepad zijn voeten richt.
We liepen weer in een lange, lange stoet naar de begraafplaats. Acht kleinzonen namen de kist op hun schouder en droegen hun opa naar zijn laatste rustplaats.
Op het graf was nog een korte overdenking over:
Want de bezoldiging der zonde is de dood, maar de genadegift Gods is het eeuwige leven, door Jezus Christus, onzen Heere. (Romeinen 6 : 23)
Ouderling Penning sprak alle aanwezigen en met name ook de kinderen ernstig en tegelijk liefdevol toe. En daarna was daar broer Jan weer voor het dankwoord. De begrafenis van mijn vader is net als die van mijn moeder een gebeurtenis waar we, hoe raar dat ook klinkt, toch met blijde gevoelens op terugkijken. We mogen toch geloven dat onze ouders de eeuwige rust zijn ingegaan. Dat is een grote troost.
Nadat de plechtigheid in de kerk was afgesloten en we met de genodigden een broodje hadden gegeten, was het tijd om naar huis te gaan. We kregen nog heel wat warme handdrukken, bemoedigende woorden, liefdevolle kussen. Toen de laatste gast was vertrokken, stonden we daar met z´n achten ietwat verloren in de kerk. We moeten verder. Ik zal de laatste zijn om te zeggen: we moeten ´gewoon´ verder. Want nee, ´gewoon´ is het niet meer. Alles is ineens zo anders geworden. Er ligt zoveel verdriet en gemis op de bodem van mijn hart. Mijn geest is zo vol van alle herinneringen die maar over elkaar heen blijven buitelen. Het voelde zo apart om nu uit elkaar te gaan, zonder afspraken over wie er wanneer naar pa of ma zou gaan. Over wie er wat op zich zou nemen.
Er ligt nog een hele weg van rouw voor ons. Van het inleven van het gemis. Van het moeten leeghalen van ons ouderlijk huis. Van zakelijke beslissingen die ongetwijfeld genomen moeten worden. We gaan het zien.
Voor nu is het genoeg om mijn taak in het gezin weer voor 100% op me te nemen. De kinderen zijn de afgelopen maanden noodgedwongen echt aan me tekort gekomen. Er zijn dingen blijven liggen die nodig opgepakt moeten worden. Dat varieert van fakturen die snel betaald moeten worden, omdat er al aanmaningen liggen tot afspraken maken met artsen en -peuten omdat die uitgesteld zijn. Van het verzorgen van de bijen tot het in orde brengen van de diverse zomergarderobes. Van het verwijderen van uitgebloeide tulpen tot het opruimen van opgespaarde zooi in huis. Van het oppakken van de blogdraad tot het vullen van de webshop. Werk genoeg. En dat is ook wel goed. Mijn manier om verdriet een plaatsje te geven is door alles letterlijk te verWERKEN. Aan de slag dus maar.
dinsdag 17 mei 2016
Terugblik
door
Teunie
Vorige week zondag ging ik, zoals ik gewend was, direct na kerktijd naar mijn moeder, om haar te helpen met de maaltijd. Ze was toen al bijzonder zwak, maar toch at ze nog elke maaltijd iets. Die dag at ze nog een heel schaaltje fruitcoctail en een heel schaaltje vla met room. Na het eten las ik altijd uit de Bijbel en ik koos dan zelf een gedeelte. Deze dag vroeg ik haar: ¨Wat wilt u dat ik voor u lees?¨ ¨Psalm 23¨, zei ze. Heel bijzonder, want dat had ik óók juist in mijn hart om te lezen. Ik las de overbekende woorden: ¨De Heere is mijn Herder...enzovoorts¨.
Na het Bijbellezen viel ze onder het danken in slaap. Ik belde de zuster om haar samen in een comfortabele houding te leggen. Maar toen de zuster kwam, sliep ma al zó vast, dat ik zei, dat we het zo maar moesten laten. Bij de deur praatten we zachtjes. Ineens werd mijn moeder toch wakker. Heel langzaam en moeizaam ging haar hand omhoog. Ik dacht dat het was, om naar me te zwaaien. Maar toen zag ik, dat ze me wenkte. Ik liep naar haar terug en hield mijn oor bij haar mond. ¨Wilt u nog iets zeggen, ma?¨ ¨Dat ik zo veel van jou houd¨, kwam er fluisterend uit. Wat een heerlijk geschenk! Het is mij nooit een vraag geweest, of mijn moeder wel van mij hield. Dat sprak uit alles. Maar toch? Zeggen deed ze het nooit. Ik vond het dan ook heel bijzonder. Ik gaf haar een knuffel en zei: ¨Ik ook van u, hoor.¨ Daarna ging ik weg. Niet wetend, dat dat haar laatste woorden voor mij waren.
Maandagochtend appte mijn zus Maaike al vroeg, dat ze het niet vertrouwde met ma. Ze vroeg, of ik om kwart voor 8 in het verpleeghuis kon zijn om te overleggen, hoe we het die dag zouden gaan doen. Het zag ernaar uit, dat we zouden gaan waken.
Om half 8 kwam er een appje in de familiegroep, dat we heel snel moesten zijn, als we ma nog wilden zien. Ze vloog achteruit. Mijn zus Maria belde me, of ik tante Teunie, de jongste zus van mijn moeder, nog wilde gaan ophalen. Natuurlijk. Ik belde haar en zo snel we konden reden Willem en ik eerst naar mijn tante en daarna naar het verpleeghuis. Mijn moeder was juist overleden, toen we haar kamer binnenkwamen. Wat een ontroering.
Vlak voor haar overlijden heeft mijn zus naar mijn vader in het ziekenhuis gebeld. Ze zei, dat ma op haar uiterste lag. Dat ze niets meer kon zeggen, maar dat pa misschien nog iets tegen háár wilde zeggen. Pa heeft toen enkele verzen uit Psalm 23 (weer die psalm!) opgezegd en daarna hun trouwtekst (psalm 20 vers 2).
Hij heeft haar gezegd, dat ze altijd zijn allerliefste vrouw was geweest. Dat ze een goed huwelijk hadden gehad, waarin de trouwtekst is bevestigd geworden. Ze hebben samen veel benauwdheden gekend, maar ook veel verhoringen. ¨Vaarwel¨, was het laatste wat hij tegen haar zei. Drie minuten daarna is ze gestorven.
Inmiddels waren we allemaal in het verpleeghuis gearriveerd. We besloten om pa als kinderen met z´n allen de boodschap te gaan brengen. We stelden onze nicht, die bij mijn vader was, op de hoogte en vertelden haar, dat ze het wel tegen de verpleging mocht zeggen, maar dat we het zelf aan pa wilden vertellen. Het was goed. Ze zou bij pa blijven, totdat we er zouden zijn. Dat zou nog wel even duren, want er moest eerst van alles geregeld worden.
Ma had alles al tot in de puntjes geregeld voor haar dood. Dus konden we zo de bellijsten pakken. Mijn zus Maaike en ik zouden samen met twee nichtjes (kleindochters van ma) mijn moeder afleggen. Het nachtponnetje en bedjasje wat ze aan wilde, hingen al klaar. Zo kon alles heel rustig gedaan worden. We hebben ma verzorgd en daarna meteen haar kamertje leeggeruimd. We hadden iets van: Hier hebben we niets meer te zoeken en willen er ook niet meer terugkomen.
Met z´n achten gingen we naar mijn vader. Ach, wat een smart, toen we die kamer binnen stapten en hij meteen wist waar we voor kwamen. Geen woorden voor.
Na een minuut of 10 kwam de arts de kamer op. Hij zei, dat hij naar hart en longen kwam luisteren. Dat deed hij en meteen daarna vertelde hij, dat hij hoorde dat pa aan het overvullen was. Dat ze in het ziekenhuis niets meer voor hem konden doen. Dat hij de overplaatsing naar het verpleeghuis ging regelen.
We stonden aan de grond genageld...
Eén van ons wist nog uit te brengen: ¨Waar denkt u dan aan?¨ ¨Zonder medicijnen een week, met medicijnen enkele weken tot maanden.¨ Wat een boodschap!
We hadden de begrafenisondernemer in het ziekenhuis ontboden om pa zoveel mogelijk nog bij alles te betrekken. Maar het was zienderogen teveel voor hem. Ach...
We gingen in de kamer ernaast zitten. Het meeste was toch al geregeld. Af en toe liepen we nog ergens tegenaan. Wat was het fijn om dan toch nog even naar pa te kunnen lopen en zijn mening te vragen!
Dinsdag is mijn vader naar Salem overgebracht. Daar ligt hij in het kamertje naast dat waar mijn moeder lag. Mijn moeders wens was om thuis opgebaard te worden. Maar we hebben haar pas dinsdagmiddag naar huis laten overbrengen. Zo kon mijn vader eerst nog afscheid van haar nemen.
Ontstellende smart. Alles viel stil. Er zijn ook geen woorden voor.
´s Avonds zijn in mijn ouderlijk huis alle klein- en achterkleinkinderen gekomen, om afscheid van oma te nemen. Het was zeer pijnlijk om niet alleen mijn moeder te missen. Maar haast nog meer om mijn vader te missen. Hoe anders was alles geweest als hij in zijn stoel had gezeten. Als hij nog van alles had kunnen vertellen. Als hij ons had kunnen troosten en wij hem. Het was zo dubbel leeg...:-((
De week snelde voort met enkele intieme condoléances aan huis. De familie van mijn moeder op een ochtend. De familie van mijn vader op een middag. Buren en vrienden op twee avonden.
Intussen vloog mijn vaders gezondheidstoestand achteruit. Vrijdagochtend zei de arts, dat ze aan ´nog enkele dagen´ dacht. Mijn broer en één van mijn zussen hadden intussen samen het dankwoord voor bij de begrafenis opgesteld. Ze vroegen aan pa, of ze het aan hem zouden voorlezen. Dat wilde hij graag. Hij was het er helemaal mee eens en gaf zelfs nog een aanvulling.
Vrijdagavond was de grote condoléance in de aula bij de begraafplaats. Mijn moeders lichaam is toen daarheen overgebracht. Wij, de kinderen, hebben haar zelf uit huis gedragen. Omdat mijn vaders toestand zo hard achteruit ging, wilden we graag dat één van ons die vrijdagavond bij hem zou zijn. Dat heeft Willem op zich genomen.
Na de condoléance hebben de 7 (schoon)kinderen (allemaal, behalve Willem die bij pa was) de kist gesloten.
Zaterdag was de begrafenis. Er was een speciale, rechtstreekse verbinding (geluid) geregeld, zodat mijn vader zowel de rouwdienst in de kerk, als de toespraken op het graf kon volgen. Op die manier kon hij er zoveel als mogelijk bij zijn. Een bevriend echtpaar bleef die uren bij hem.
8 kleinzoons hebben het lichaam van mijn moeder uit de kerk gedragen. En later op de begraafplaats naar het graf gedragen. Precies zoals mijn moeder het allemaal zelf bedacht had.
In de kerk werd Psalm 16 gelezen. Dit als een inleiding op de meditatie over Psalm 68 vers 14
en ook op wat in mijn moeders leven is bevestigd:
U is een beter lot bereid
Uw heilzon is aan ´t dagen
(psalm 68 vers 6, berijmd)
Na het Bijbellezen viel ze onder het danken in slaap. Ik belde de zuster om haar samen in een comfortabele houding te leggen. Maar toen de zuster kwam, sliep ma al zó vast, dat ik zei, dat we het zo maar moesten laten. Bij de deur praatten we zachtjes. Ineens werd mijn moeder toch wakker. Heel langzaam en moeizaam ging haar hand omhoog. Ik dacht dat het was, om naar me te zwaaien. Maar toen zag ik, dat ze me wenkte. Ik liep naar haar terug en hield mijn oor bij haar mond. ¨Wilt u nog iets zeggen, ma?¨ ¨Dat ik zo veel van jou houd¨, kwam er fluisterend uit. Wat een heerlijk geschenk! Het is mij nooit een vraag geweest, of mijn moeder wel van mij hield. Dat sprak uit alles. Maar toch? Zeggen deed ze het nooit. Ik vond het dan ook heel bijzonder. Ik gaf haar een knuffel en zei: ¨Ik ook van u, hoor.¨ Daarna ging ik weg. Niet wetend, dat dat haar laatste woorden voor mij waren.
Maandagochtend appte mijn zus Maaike al vroeg, dat ze het niet vertrouwde met ma. Ze vroeg, of ik om kwart voor 8 in het verpleeghuis kon zijn om te overleggen, hoe we het die dag zouden gaan doen. Het zag ernaar uit, dat we zouden gaan waken.
Om half 8 kwam er een appje in de familiegroep, dat we heel snel moesten zijn, als we ma nog wilden zien. Ze vloog achteruit. Mijn zus Maria belde me, of ik tante Teunie, de jongste zus van mijn moeder, nog wilde gaan ophalen. Natuurlijk. Ik belde haar en zo snel we konden reden Willem en ik eerst naar mijn tante en daarna naar het verpleeghuis. Mijn moeder was juist overleden, toen we haar kamer binnenkwamen. Wat een ontroering.
Vlak voor haar overlijden heeft mijn zus naar mijn vader in het ziekenhuis gebeld. Ze zei, dat ma op haar uiterste lag. Dat ze niets meer kon zeggen, maar dat pa misschien nog iets tegen háár wilde zeggen. Pa heeft toen enkele verzen uit Psalm 23 (weer die psalm!) opgezegd en daarna hun trouwtekst (psalm 20 vers 2).
2 De HEERE verhore u in den dag der benauwdheid; de Naam van den God Jakobs zette u in een hoog vertrek.
Hij heeft haar gezegd, dat ze altijd zijn allerliefste vrouw was geweest. Dat ze een goed huwelijk hadden gehad, waarin de trouwtekst is bevestigd geworden. Ze hebben samen veel benauwdheden gekend, maar ook veel verhoringen. ¨Vaarwel¨, was het laatste wat hij tegen haar zei. Drie minuten daarna is ze gestorven.
Inmiddels waren we allemaal in het verpleeghuis gearriveerd. We besloten om pa als kinderen met z´n allen de boodschap te gaan brengen. We stelden onze nicht, die bij mijn vader was, op de hoogte en vertelden haar, dat ze het wel tegen de verpleging mocht zeggen, maar dat we het zelf aan pa wilden vertellen. Het was goed. Ze zou bij pa blijven, totdat we er zouden zijn. Dat zou nog wel even duren, want er moest eerst van alles geregeld worden.
Ma had alles al tot in de puntjes geregeld voor haar dood. Dus konden we zo de bellijsten pakken. Mijn zus Maaike en ik zouden samen met twee nichtjes (kleindochters van ma) mijn moeder afleggen. Het nachtponnetje en bedjasje wat ze aan wilde, hingen al klaar. Zo kon alles heel rustig gedaan worden. We hebben ma verzorgd en daarna meteen haar kamertje leeggeruimd. We hadden iets van: Hier hebben we niets meer te zoeken en willen er ook niet meer terugkomen.
Met z´n achten gingen we naar mijn vader. Ach, wat een smart, toen we die kamer binnen stapten en hij meteen wist waar we voor kwamen. Geen woorden voor.
Na een minuut of 10 kwam de arts de kamer op. Hij zei, dat hij naar hart en longen kwam luisteren. Dat deed hij en meteen daarna vertelde hij, dat hij hoorde dat pa aan het overvullen was. Dat ze in het ziekenhuis niets meer voor hem konden doen. Dat hij de overplaatsing naar het verpleeghuis ging regelen.
We stonden aan de grond genageld...
Eén van ons wist nog uit te brengen: ¨Waar denkt u dan aan?¨ ¨Zonder medicijnen een week, met medicijnen enkele weken tot maanden.¨ Wat een boodschap!
We hadden de begrafenisondernemer in het ziekenhuis ontboden om pa zoveel mogelijk nog bij alles te betrekken. Maar het was zienderogen teveel voor hem. Ach...
We gingen in de kamer ernaast zitten. Het meeste was toch al geregeld. Af en toe liepen we nog ergens tegenaan. Wat was het fijn om dan toch nog even naar pa te kunnen lopen en zijn mening te vragen!
Dinsdag is mijn vader naar Salem overgebracht. Daar ligt hij in het kamertje naast dat waar mijn moeder lag. Mijn moeders wens was om thuis opgebaard te worden. Maar we hebben haar pas dinsdagmiddag naar huis laten overbrengen. Zo kon mijn vader eerst nog afscheid van haar nemen.
Ontstellende smart. Alles viel stil. Er zijn ook geen woorden voor.
´s Avonds zijn in mijn ouderlijk huis alle klein- en achterkleinkinderen gekomen, om afscheid van oma te nemen. Het was zeer pijnlijk om niet alleen mijn moeder te missen. Maar haast nog meer om mijn vader te missen. Hoe anders was alles geweest als hij in zijn stoel had gezeten. Als hij nog van alles had kunnen vertellen. Als hij ons had kunnen troosten en wij hem. Het was zo dubbel leeg...:-((
De week snelde voort met enkele intieme condoléances aan huis. De familie van mijn moeder op een ochtend. De familie van mijn vader op een middag. Buren en vrienden op twee avonden.
Intussen vloog mijn vaders gezondheidstoestand achteruit. Vrijdagochtend zei de arts, dat ze aan ´nog enkele dagen´ dacht. Mijn broer en één van mijn zussen hadden intussen samen het dankwoord voor bij de begrafenis opgesteld. Ze vroegen aan pa, of ze het aan hem zouden voorlezen. Dat wilde hij graag. Hij was het er helemaal mee eens en gaf zelfs nog een aanvulling.
Vrijdagavond was de grote condoléance in de aula bij de begraafplaats. Mijn moeders lichaam is toen daarheen overgebracht. Wij, de kinderen, hebben haar zelf uit huis gedragen. Omdat mijn vaders toestand zo hard achteruit ging, wilden we graag dat één van ons die vrijdagavond bij hem zou zijn. Dat heeft Willem op zich genomen.
Na de condoléance hebben de 7 (schoon)kinderen (allemaal, behalve Willem die bij pa was) de kist gesloten.
Zaterdag was de begrafenis. Er was een speciale, rechtstreekse verbinding (geluid) geregeld, zodat mijn vader zowel de rouwdienst in de kerk, als de toespraken op het graf kon volgen. Op die manier kon hij er zoveel als mogelijk bij zijn. Een bevriend echtpaar bleef die uren bij hem.
8 kleinzoons hebben het lichaam van mijn moeder uit de kerk gedragen. En later op de begraafplaats naar het graf gedragen. Precies zoals mijn moeder het allemaal zelf bedacht had.
In de kerk werd Psalm 16 gelezen. Dit als een inleiding op de meditatie over Psalm 68 vers 14
Al laagt gijlieden tussen twee rijen van stenen, zo zult gij toch worden als vleugelen ener duive, overdekt met zilver, en welker vederen zijn met uitgegraven geluwen goud.
en ook op wat in mijn moeders leven is bevestigd:
U is een beter lot bereid
Uw heilzon is aan ´t dagen
(psalm 68 vers 6, berijmd)
De woorden in de kerk en op de begraafplaats uitgesproken waren warm, indrukwekkend, waarschuwend, troostend, liefdevol. We kijken er allemaal met waardering en warmte op terug.
Mijn broer sprak op zijn eigen, rustige, manier het dankwoord namens de familie uit.
In een lange stoet liepen we de begraafplaats af. We stonden nog even stil bij het graf van mijn oom en tante, waar we langsliepen, en later bij het grafje van onze kleine Teunie (26 september 2004 - 27 september 2004).
Daarna liepen we terug naar de kerk om de begrafenisplechtigheid af te sluiten. De genodigden hebben ons allemaal nog eens de hand gedrukt en sterkte gewenst of omhelst. En dan is het voorbij.
Nee. Niet voorbij. Want onze zorgtaak hield niet op. Die ging direct over op het zorgen voor mijn vader en duurt nog voort. De toestand is zeer ernstig. Er is geen contact meer mogelijk. We denken dat mijn vader deze week mijn moeder zal volgen....
Abonneren op:
Posts (Atom)

