woensdag 23 september 2026

Niet lekker

Het begon vorige week met onze logee. Die voelde zich niet helemaal lekker. Ze was snipverkouden, had keelpijn, hoofdpijn. Typisch zo´n herfstverkoudheid.

Vervolgens was Willem aan de beurt. Hij hing tegen ziekzijn aan. Natuurlijk grapten we over ´mannengriep´. Maar echt: hij zag er beroerd uit. Het was echt echt ;-). En jawel, nu ben ik zelf ook aan de beurt. Bleh! Ik houd me vandaag maar even een beetje sjakies. Gelukkig is het woensdag. En dat is toch soort van mijn vrije dag. Hoewel ... wat is vrij? Er spookt van alles door mijn hoofd wat ik juist vandaag zo graag had willen gaan doen. Het is ook niet zo, dat ik vandaag helemaal niets ga doen. Maar ik doe het gewoon op m´n gemakje en ga steeds even zitten om uit te rusten. En dan mag ik ook best wel even m´n breiwerk erbij pakken. Breien en uitrusten gaan heel goed samen.


Ik ben begonnen aan een baby kruippakje. Alle zwangere (schoon)dochters mogen altijd iets kiezen om door mij te laten breien voor de newborn. Maaike koos een kastanjebruin kruippakje voor het babietje, wat ze in januari verwacht. Ik had de juiste naalden al klaarliggen, maar moest even wachten op de juiste wol. Ik was blij dat het vorige week binnenkwam, want ik kreeg een beetje een haastgevoel. In april wordt er namelijk wéér een kleinkindje verwacht! Maria en Jan-Hendrik verwachten dan hun derde kindje.

Behalve op de bank zitten en breien, wil ik vandaag ook nog wel wat keukenwerk doen: appelmoes maken. Er staan een paar joekels van rode kolen op m´n tuin te wachten om geoogst te worden. Die wil ik graag gaan wecken, maar dan moet eerst de appelmoes klaar zijn. Ik schep namelijk altijd flink wat appelmoes door de rode kool. Dat maakt het smeuïg, zoetig en zorgt (mede) voor het behoud van de mooie rode kleur. 

Het verwerken van de oogstpiek is nu voor het grootste gedeelte gedaan. Vorige week heb ik de laatste Wieringer boontjes geoogst. Het is best een werkje om alle peulen open te maken en daar de boontjes uit te wippen. Maar daarna is het wel gedaan, want de boontjes kunnen gewoon in een glazen pot bewaard worden. Uiteindelijk heb ik 900 gram boontjes en dat is genoeg voor vier maaltijden. Ik kwam trouwens een verstekeling tegen. Eén van de bonenplanten bleek geen Wieringer boon, maar een zwarte boon te zijn. Dat was een verrassing. Ik heb de zwarte boontjes even apart gehouden. Misschien vind ik het wel leuk om DV volgend jaar een aantal Wieringer én een aantal zwarte bonenplanten te kweken. De Wieringer boontjes smaken hartig/verfijnd, de zwarte smaken zoetig/aards, als ik google mag geloven.



Het wordt in de tuin al wat leger. Dat was overigens niet echt te bedoeling. Ik had een mooie hoeveelheid spruitkool, boerenkool en palmkool uit zaad opgekweekt. Het waren al prachtige plantjes en ze stonden klaar om uit te planten op het moment, dat er een lege plaats in de tuin zou komen. Maar op enig moment zijn alle plantjes in 24 uur tijd compleet kaalgevreten door rupsen van het koolwitje. Echt volledig vernield, want ook het groeipunt was opgevreten. Helaas. Deze winter geen kolen in de tuin. 

De grote muntplant in de pot bij de achterdeur was intussen ook echt op. Die heb ik kortgeknipt en als het goed is gaan we dan in het voorjaar weer naar de eerste verse blaadjes uitkijken. Ik heb de plant al jaren. In de pot ernaast heb ik al twee zomers Koreaanse munt. Dat is een muntsoort met een minder uitgesproken smaak, maar houd ik vooral voor de mooie blauwe bloemen. Ik heb wat viooltjes in deze pot gezet. Dat ziet er wat gezelliger uit. Ook heb ik een plantzak leeggehaald en er viooltjes in gezet. Ben benieuwd of die nog mooi uitgroeien en de winter gaan overleven. 



Gisteren heb ik een gouwe ouwe gemaakt: roggebrood. Lekker met cranberry´s erin en gebroken lijnzaad aan de buitenkant. Ik kwam namelijk een zak roggemeel in de shop tegen, die over de datum was. Zonde om weg te doen. Dus maar aan het roggebrood. Nu ligt het brood op de plank in de keuken en steeds zie ik, dat er weer van gesneden is :-). Het is gewoon té lekker.
Het is heel simpel om te maken: Meng 225 ml heet water met 3 eetlepels appelstroop en 10 gram zout. Giet de vloeistof bij 500 gram roggemeel en meng alles door elkaar. Doe er eventueel iets bij, wat je lekker vindt. Bijvoorbeeld krenten, rozijnen, cranberry´s, pompoenpitten, noten .... Kneed alles tot een stevig, compact deeg. Vorm het tot een rol. Als je nog iets aan de buitenkant wilt, maak je de rol nat en rolt hem door bijvoorbeeld (gebroken) lijnzaad. Knoop de rol in een schone theedoek en leg hem in een pan kokend water. Na circa 3 uur is je roggebrood klaar. Let erop, dat het water tot tegen de kook aan blijft, of gebruik een slowcooker (op high). Af laten koelen, dunne plakjes snijden, beetje roomboter erop en smullen maar!





Nou, ik heb weer lang genoeg gezeten. Ik ga weer even in de benen. Fijne dag allemaal!