Nu de dagen lengen en er ook al een paar echte lentedagen waren, kwamen de diep weggestopte moestuinkriebels in alle hevigheid naar boven :-).
Het gebeurde eigenlijk pas écht, toen vorige week vrijdag m´n bijen voor het eerst vlogen. Bijen gaan vliegen, als het tenminste 9 graden is. Ze maken dan eerst een zogenaamde reinigingsvlucht, waarbij ze hun darmen ledigen. Bijen zijn erg schoon en netjes en zullen nooit hun nest bevuilen. Ze poepen zich dus helemaal leeg als ze voor het eerst, na lange tijd, de bijenkast verlaten. Daarna gaan ze meteen ijverig op zoek naar stuifmeel en nectar. Ze bezoeken de eerste drachtplanten, die in bloei staan. Denk aan krokussen, sneeuwklokjes, de hazelaar enzovoorts. Voor een imker is het altijd een spannend moment, die eerste keer, dat het 9 graden is. Het is dan de vraag of de volken de winter goed doorgekomen zijn. Nou, m´n volken zijn goed uitgewinterd, zoals dat dan heet, en mijn hart maakte een vreugdedansje toen ik al die bijen zag vliegen :-).
Het leuke was, dat op deze feestelijke dag er nog een kers op de taart kwam. Na luid gekakel legde m´n bielefeldertje haar eerste ei, na de winterrust. Geweldig toch? En dat, terwijl het beestje nog steeds flink op haar kop gezeten wordt door de nieuwe kippen. Ze zit eigenlijk dag en nacht in het nachthok/leghok. Als ze beneden in de ren komt, wordt er meteen flink op haar in gepikt. Vorige week was ze zó gehavend op haar rug en op haar kop, dat Willem aluspray is wezen halen. Hiermee heb ik de wonden ingespoten, zodat ze geen infectie krijgt. Bovendien zien de andere kippen dan geen rood/bloed. Als ze bloed zien, worden ze alleen maar nóg linker. Ja, ja, het is wat met die dames .... Maar m´n lieve, zielige kipje legde dan toch maar maar een ei!
Dat was dus echt lente bij m´n beestenboel. Er is ook lente in m´n tuin. De daslook komt op! Daslook is altijd een échte lentebode. Ik kijk het look de grond uit, want ik heb reuze veel zin in een knapperig stokbroodje met daslookboter.
Ook de rabarber komt trouwens al boven de grond piepen. En er bloeit weer paarse dovenetel in de tuin. Dat is eigenlijk onkruid, maar ik heb het dan liever over ´wilde planten´. Paarse dovenetel is ook typisch zo´n drachtplant, waar de bijen (maar ook hommels) heel blij mee zijn. Ik laat ze dus lekker groeien en bloeien. Van de blaadjes kun je trouwens medicinale kruidenthee trekken, die laxerend en versterkend is.
Er staat nog een beetje wintergroente op de tuin. Nog wat boerenkool en ook twee mooie, grote palmkolen. Die palmkolen maken op dit moment een groeispurt door. En juist die jonge bladeren zijn extra lekker, omdat ze malser zijn, dan de oude(re) bladeren.
Ik besloot daarom vandaag maar meteen nog een keer palmkool op het menu te zetten. Ik flanste een lekker maaltje in elkaar met van alles wat ik voorhanden had. Het was iets met ui, knoflook, palmkool, appelstukjes, gember, citroensap, zout, rookworst, rijst, sojasaus. Ik maakte er een pannetje kerriesaus bij. Het was nog even puzzelen: zónder worst voor de vegetariërs, mét worst voor de alleseters en een opgebakken stamppotje prei van gisteren voor Hans, die geen rijst lust. Drie soorten eten voor zes personen. Wel ja, hotel mama, hè.
Sinds gisteren ben ik aan het voorzaaien. Omdat daar in de drukte op de dag haast niet van komt, doe ik het in de vroege morgenuurtjes. Gisteren een uurtje en vandaag een uurtje. En ergens deze week, wil ik er nóg een uurtje voor uittrekken. Het hoeft ook allemaal niet achter elkaar, hoor. Hoewel ik het echt geen straf zou vinden om eens gewoon een hele dag met tuinwerk bezig te zijn :-). Maar met een paar keer per week een uurtje kom je ook een heel eind. Ik zaaide intussen al bietjes, kropsla, selderij, augurk (eigenlijk te vroeg, denk ik), lavatera, leeuwenbekjes, afrikaantjes ... En nu heb ik volop voorpret. Ik ben zó benieuwd wat het (moes)tuinjaar zal brengen!